Four seasons in one day
DINSDAG 31 MEI
Na het ontbijt rijden we naar Thingvellir. Dit is een onderdeel van de Golden Circle (een typische toeristische uitstap met ook nog Geysir en Gulfoss in het rondje). Thingvellir is een nationaal park dat staat op de werelderfgoed lijst van Unesco. Hiervoor moeten we een stukje terugrijden, maar dat vinden we niet erg want de weg ernaartoe is gloednieuw en biedt mooie vergezichten. Het park is een scheur van 6 km lang tussen twee tektonische platen (meer bepaald de Noord-Amerikaanse en de Euraziatische plaat). De breukvlakken zijn hier ontzettend goed zichtbaar. Deze plaats is ook bekend omdat hier in 930 die eerste volksvertegenwoordiging bijeenkwam. Natuur en cultuur komen hier als het ware perfect samen. Een supermooi gebied waar we maar liefst drie uur rondwandelen. Daarna nemen we dezelfde weg terug naar Laugarvatn. Dankzij de Dominicus gids van IJsland komen we ook te weten dat vlak voor Geysir nog een mooie waterval ligt. Het leuke aan deze waterval is dat hij alleen te voet bereikbaar is en kans op veel andere toeristen dus praktisch nihil. Het is een vlakke wandeling van een uurtje en inderdaad Willem (auteur van het boek) heeft niet gelogen. Na de wandeling rijden we verder naar Geysir, de bekendste springbron van het hele land. Jammer is dat hij minder regelmatig spuit (slechts één tot twee keer per dag) en dus richten we onze aandacht op de Strokkur. Deze spuit om de 4 à 8 minuten en voor mensen als ons (met een druk programma) dus ideaal. We zien hem ongeveer een vijftal keer spuiten. Indrukwekkend! We hebben al twee watervallen gezien maar omdat we er geen genoeg van krijgen, rijden we naar Gulfoss. Dit is één van IJslands mooiste watervallen. Het water valt in twee trappen en het is enorm. Naar het schijnt valt er in de zomer gemiddeld 130 m³ per seconde naar beneden. Het leuke is ook dat je hem zowel van boven als van beneden kan zien. De nevel en natte broek krijg je er gratis bij. Jammer dat het vandaag wat kouder is en ondertussen hebben we ook door dat onze hostel voor de nacht niet in Hvolsvollur ligt maar 60 km verder in Skogar. We hebben dus nog een flinke rit voor de boeg. We zitten nog maar net in de auto of het begint te regenen. We stoppen nog even in Hvolsvollur voor boodschappen en besluiten ook maar te eten want zin om te koken zullen we vanavond niet meer krijgen. Na een pizza rijden we het laatste stuk. We komen nog langs Seljalandsfoss (foss = waterval) en houden nog een korte fotostop. Vanaf nu rijden we langs Eyjafjallajokull (jaja, ken je hem nog??) en dat biedt niet normaal mooie uitzichten. Groene bergketens met daarboven een gletsjer en om de honderd meter een waterval. De schapen met lammetjes op de voorgrond maken het beeld compleet. Beetje jammer van de regen maar die nemen we voor lief. Om half negen komen we aan in Skogar. In dit kleine dorpje (denk vijf boerderijen en een school) ligt de Skogarfoss, een 60 meter hoge waterval. Het voormalige schooltje is omgebouwd tot een hostel en daar mogen wij slapen vannacht. De mannen hebben er nog geen genoeg van en gaan nog voor een avondwandeling naar de waterval. Vlien en ik (bijrijder en chauffeur van de dag) zijn gaar en vallen in slaap alleen nog maar bij het zien van een bed.
Nog even een korte anekdote: in de nacht van 20-21 maart 2010 moesten zo'n 500 mensen geëvacueerd worden in Skogar omdat de vulkaan onder de Eyjafjallajokul na 200 jaar weer eens van zich moest laten horen en dat zal het Europese luchtruim geweten hebben.
WOENSDAG 1 JUNI
Na een geweldig goede nachtrust trekken we met z'n allen naar de waterval. Dankzij Willem (daar is hij weer) komen we te weten dat we de trap naar boven moeten nemen en kunnen terugkeren via een slecht jeepspoor, onderweg zullen we nog watervallen tegenkomen, schrijft hij. Hij heeft niet gelogen wat betreft de watervallen, maar dat jeepspoor vinden we niet en omdat het alweer 12 uur is besloten we rechtsomkeer te maken. We doen ook nog het volksmuseum aan (het Bokrijk van IJsland) en daarna laten we Skogar echt achter ons. Tien kilometer verder moeten we de ringweg alweer verlaten voor een stop bij Solheimajokull. Dit is een uitloper (gletsjertong) van de gletsjer Myrdalsjokull. We wandelen een stukje langs en op het ijs. Jammer dat er een hele aslaag op het ijs ligt, maar desalniettemin blijft het een prachtig zicht. De volgende stop is Dyrholaey. Dit is een in zee uitstekende kaap met een groot gat erin. Het is tevens het meest zuidelijkste puntje van IJsland én een plaats om puffins te spotten. Zou het ons dan toch lukken? .... Helaas is het gesloten van 1 mei tot 25 juni omdat vele vogels (waaronder de puffins) hier komen om te broeden. Gelukkig is er nog van alles anders mooi te zien: tufsteenformaties, een grot met broedende zeevogels en weeral een supermooi uitzicht. Ja, het begint een beetje afgezaagd te worden maar de landschappen zijn hier erg mooi. Ik kan er niets aan doen, kom het gewoon zelf maar eens bekijken. We rijden een stukje verder naar het strand van Reynisdrangar vanwaar we wel het gat in de rots bij Dyroholaey kunnen bekijken (en fotograferen natuurlijk). Vlakbij het strand zijn ook nog een aantal hoge rotspunten. Verhaaltje hierbij is dat men beweert dat het de resten zijn van een driemaster die door twee trollen aan land werd getrokken. Ze werden echter verrast (verast zou in deze regio echter ook kunnen) door de zonsopgang waardoor zij en het schip in steen veranderden. Na de laatste boodschappen en tankbeurt in Vik zijn we klaar voor de laatste 100 km van de dag. We doen nog een laatste stop bij een plaats waar iedereen een steen op een steenmannetje (een bergje gevormd door lossen stenen) moet leggen om een veilige, pechvrije doortocht te hebben. Rond 19u komen we aan in Hvoll (miniplaats met 1 boerderij en een hostel) en checken we in. Het was vandaag trouwens een stralende dag met veel zon en af en toe een beetje wind. Omstreeks half negen hadden we nog megahelder uitzicht op de Vatnajokull (de grootste gletsjer van het land, de Grimsvotn ligt hier trouwens ook onder) en smeren we nog maar eens wat zonnecrème op ons gezicht. Bij een glaasje rum bepalen we welke wandeling we morgen gaan maken in het Skaftafell Nationaal Park. Yep, morgen geen reisdag, maar een wandeldag!
DONDERDAG 2 JUNI
Vandaag naar Skaftafell Nationaal Park. Dit park is een onderdeel van de grootste gletsjer van IJsland, de Vatnajokul. We maken een korte wandeling naar Swartifoss. Dit is de zwarte waterval, zwart omdat het basaltstenen zijn. Het was niet echt een supermooie waterval, we zijn ondertussen al verwend, maar het gebied eromheen is erg mooi. Doordat we gisteren en vandaag veelal door spoelvlaktes (vlaktes met veel steen en as gevormd door de uitbarstingen van de verschillende vulkanen in de regio) zijn gereden, kunnen we het groene berkenbos en andere kleine kleurrijke begroeiing erg waarderen. Eveline en Wouter besluiten bij de waterval terug te keren naar het informatiecentrum. Rogier en ik maken de wandeling nog iets langer door verder te lopen naar een uitzichtpunt. Dit uitzichtpunt gaat verder door het struikgewas en brengt ons naar de andere eind van het park waar we een uitzicht hebben op een gletsjertong. Door de recente uitbarsting van de Grimsvotn is die helaas niet zo wit als normaal, maar donkergrijs. Gelukkig komt net de zon kijken en krijgen we een mooi zicht op de bergen gehuld in witte sneeuw. Rogier wil graag een glacier walk (wandeling op het ijs) maken en dus moeten we terug zijn om 14u omdat dan de tocht vertrekt. We kunnen nog net mee en na een korte uitleg over de stijgijzers, maken we een twee uur durende tocht over het weeral pikzwarte ijs. Best jammer dat alles bedekt is onder een aslaag, maar langs de andere kant ook wel weer apart om te zien. August, onze IJslandse gids, laat ons nog wel een grot zien met wit en blauw ijs. Hij vertelt ook dat als het nog twee weken goed regent en waait het ijs weer helemaal wit zal zijn. Tja, dat zullen we dan maar geloven en ooit voor moeten terugkeren. We gaan nog snel op zoek naar een supermarkt en veel keus qua voedingsmiddelen hebben we er niet. Het wordt een echte studentenmaaltijd met pakjessoep en Aiki Noodles. Na een heerlijke douche (zonder geur - het meeste douchewater heeft een zwavelgeur) spelen we nog een paar spelletjes en genieten we van onze eerste fles cava.
VRIJDAG 3 JUNI
Lange reisdag vandaag met maar liefst meer dan 300 kilometer op het programma. Op zich valt dat wel mee, maar om elke bocht krijg je hier weer een ander natuurschoon te zien en onze twee amateurfotografen op de achterbank willen graag overal een fotoshoot. Dit maakt dat we gemiddeld 50 km per uur rijden. Kortom, vroeg op en vroeg vertrekken vandaag. Zogezegd, zo gedaan! De eerste kilometer hoeven we niet meer te stoppen want daar waren we gisteren voor het Skaftafell Nationaal Park. De Willem (van het Dominicus boek) raadt ons nog enkele mooie watervallen en kerkjes aan en daarna is het zover: het Jokulsarlon meer. Dit gletsjermeer is het mooiste meer van het land en bekend van vele ansichtkaarten. In het meer drijven verschillende ijsblokken met verschillende vormen en kleuren. Gelukkig kantelen die ijsbergen af en toe en dus zit hier niet alles onder de aslaag. We stoppen verschillende keren bij het meer en ook aan het strand waar het gletsjermeer uitmondt in de zee. Hier liggen kleinere ijsblokken op het zwarte zand. We kunnen er geen genoeg van krijgen en maken ook nog een boottochtje op het meer. We hebben superveel geluk want de lucht is strakblauw en de zon is er ook. Grappig om zien is dat zelfs de bootsman (die het tochtje meermaals per dag en zeker per week maakt) foto's aan het trekken is. Na het uitgebreid bezoek rijden we door tot Höfn. Een vissersplaats die mooi gelegen is tussen twee fjordurs (fjorden). Daarna is het nog een lange tocht langs de fjorden. Mooie uitzichten, maar soms ook wel vermoeiend want in vogelvlucht liggen de plaatsen misschien 20 km uit elkaar, maar omdat ze door een fjord van elkaar gescheiden zijn, moet je helemaal rondrijden. We stoppen nog even bij Djupivogur en vullen onze tank alvorens we het laatste fjord van de dag doorrijden. Eindbestemming is het hostel in Berunes. Alweer een toplocatie en hier hebben we voor het eerst een cottage voor onszelf. Hij is heel erg knus (bijna een huisje voor kabouters) maar prima voor één nacht.
ZATERDAG 4 JUNI
We besluiten om niet verder langs de fjorden te rijden, maar via de Oxi-pas. Dit is een shortcut, maar ook een mooie, steile route met veel watervallen (ja, daar krijgen we nooit genoeg van). We stoppen nog even bij een waterval en doen een kleine poging tot het zoeken van een geocache (soort van schatten die mensen over de hele wereld verstoppen) maar de gps van een iPhone is niet nauwkeurig genoeg en dus geven we het op. Het is weer een schitterende dag met veel zon en we doen ons eerste terrasje. Weliswaar bij een tankstation met een kop koffie (voor de heren een ijsje), maar het is een begin. Ik zou toch nog graag één fjord willen zien en we rijden van Egilstadir even op en af naar Seydisfjordur. We rijden door de sneeuwtoppen van de bergen naar het dal en het dorp. Hier komen de boten van het Europese vasteland aan. Vandaag komt er geen boot aan en is er dus ook geen bedrijvigheid in de haven. Wel heeft de hele bevolking zicht verzamelt bij de visfabriek. Het blijkt - zo lezen we in de rough guide - dat het vandaag Seamen's Day is. Dit is een groots volksfeest met zwem-en roeiwedstrijden en touwtrekken. En inderdaad na de roeiwedstrijdjes begint het touwtrekken. Er staan twee luchtkastelen, een barbecue en een wafelenbak. Kortom, een typische braderie. Ondertussen kunnen we beter kennismaken met de IJslandse bevolking. Stiekem bekijken ze je wel, maar echt spraakzaam zijn ze niet (evenmin als modieus trouwens). Contact met ze maken is erg lastig, ach het zal wel met het weer te maken hebben. We keren terug naar Egilstadir en vanaf daar rijden we richting Borgarfjordur. Ergens halverwege is boerderij Ekra en dat is onze eindbestemming. Vandaag geen hostel, maar een cottage van farmholidays. Je slaapt bij de boeren en kan zo kennismaken met het boerderijleven. We zijn echt content met onze grote (Zwitserse) chalet en genieten van een rustig namiddag en avond.
ZONDAG 5 JUNI
Vandaag zondag Losdag (sjosdag voor de ollanders) en dus doen we het wat rustiger aan. We vertrekken pas rond een uur of 10 en de eerste stop is een mooi gelegen kerkje. Daarna komen we terug op de ringweg en onderweg zou er een geocache verstopt zijn. Ondanks de slechte gps proberen we het nog een keer en dit keer hebben we prijs. Best grappig om te zien dat er in the middle of nowhere mensen doosjes verstoppen. De eerste echte stop van de dag is de Dettifoss. Ja, alweer een waterval en niet zomaar één. Het is een hele grote waterval met een gigantisch debiet. Jammer was wel dat het sneeuwde. We zitten nu in het Noorden van IJsland en we zullen het geweten hebben: sneeuw, gure wind, regen en heel weinig zon. We zijn natuurlijk al behoorlijk verwend de afgelopen dagen door het weer en daarom komt het zo hard aan. We rijden verder naar Asbyrgi kloof. Deze kloof, ook wel de godenburcht genoemd, is een lange, V-vormige kloof met steile rotswanden. De legende gaat dat de kloof de hoefafdruk is van Sleipnir, het achtbenige paard van de Vikinggod, Odin. Het paard kwam op een dag op IJsland en struikelde en liet deze hoefafdruk achter. Je kan hier mooie wandelingen maken. Helaas is het weer nog te guur voor ons en beperken we ons tot een mini-wandeling onder in de kloof. We haasten ons snel de auto in en rijden terug naar de ringweg om onze weg naar Myvatn verder te zetten. We stoppen bij de supermarkt voor boodschappen en rijden daarna rond het meer om in te checken in onze volgende cottage. Hier zullen we twee nachten blijven om de buurt te verkennen. De boerderij is weer mooi gelegen, maar de chalet is toch minder afgewerkt dan de vorige. We hebben wel 4 slaapkamers, dus als onze mannen te veel drinken, kunnen ze nog altijd in het zattemansbedje. Het blijft waaien en dus maken we maar geen ommetje meer.
MAANDAG 6 JUNI
Het heeft gesneeuwd vannacht en de schapen van de boerderij zoeken de warmte van onze chalet op aan onze voordeur. Helaas moeten we toch even de rust verstoren want we moeten weer op verkenningstocht. We maken een hele toer rond het Myvatn meer. Dit muggenmeer (wat zo heet het in het Nederlands) is een beschermd natuurgebied met solfatarenvelden, pseudokraters, vreemdsoortige lavaformaties, maar ook is het een broedgebied van verschillende vogels. Kortom van alles te beleven! We rijden eerst naar Krafla. Hier is een magmakamer diep in de grond verborgen met verschillende spleetzones waarlangs het magma (lava) kan ontsnappen. Dit gebied wordt gekenmerkt door oude en nieuwe lava (bijv. nog van 1980) en warme bronnen. Door de sulfer die hier vrijkomt krijg je hier een heel kleurenpalet te zien (en te ruiken). We maken een ijskoude wandeling lang de Leihnjukur berg. Hier ligt een solfatarenveld en die vormt een rare combinatie met de verse, zwarte lava. Echt bizar hoe hier de aarde is. Omdat we toch niet alles hebben onthouden van de aardrijkskundelessen brengen we ook een bezoek aan het visitorscentre van de geothermische krachtcentrale. Hier spelen ze een film die meer uitleg geeft over wat we allemaal gezien hebben. We zitten nog maar net of de twee bevallige dames die er werken, geven aan dat het lunchtijd is en dat we binnen 30 minuten mogen binnenkomen. Niet dus, we besluiten maar verder te rijden naar een ander solfatarenveld vlakbij de weg. Hier zie je heel duidelijk brubbelende modderbaden en zwavelbronnen. De stank is niet te houden en vluchten snel de auto in. We zijn helemaal verkleumd en het is dus de hoogste tijd voor een heerlijk, relaxt warmwaterbad. Geheel toevallig is dat ook onze volgende stop de nature baths van Myvatn. Eveline en ik zien het niet zitten om in onze bikini naar het buitenbad te gaan, maar we zijn stoer en zetten door. Gelukkig want het was lekker warm én een stuk minder druk dan de Blue Lagoon. We genieten van het warme water en komen weer op temperatuur. Nadat we helemaal verrimpelt zijn, besluiten we er toch maar eens uit te gaan. We maken nog een korte stop bij een barst in de aardkorst (Grjotagja), bij een uit as opgebouwde ringkrater en bij Dimmuborgir (donkere burcht). Dit is een plaats waar verschillende lavarotsen gekke vormen hebben aangenomen, met een beetje verbeelding kan je er verschillende dingen in kan zien. We gaan op zoek naar 'het gat'. Nadat we dat gevonden hebben (en gefotografeerd) maken we nog enkele korte fotostops rond het meer. Rogier en Wouter zijn in topvorm en hevig gebrand op het maken van de mooiste foto's. Ze trotseren de kou en de wind tot zelfs hun vingers er bijna van afvriezen. Genoeg gezien voor vandaag en geen goesting meer om te koken, zeker omdat we geen dampkap hebben en gisteravond de hele avond in de rook van de gebakken aardappels hebben gezeten. We stoppen bij een restaurant (aangeraden door de rough guide) en het was de aanbeveling waard. Heerlijke visjes die recht uit het meer komen. Mmmm! We rijden terug naar huis terwijl de zon heel fel schijnt (eindelijk en het is pas 20u). We kaarten nog wat en legen onze laatste fles cava.
DINSDAG 7 JUNI
We laten het meer en groene vegetatie achter ons en rijden terug de lavavelden in. We stoppen onderweg bij een turfboerderij die een heel museum blijkt te herbergen. De conservator is superaardig en het museum is ook nog interessant. Na dit bezoek rijden we verder naar Husavik. Deze vissersplaats met wel 200 inwoners (een grote stad dus) noemt zichzelf de walvishoofdstad van Europa. Poging twee om walvissen te gaan spotten. Hopelijk hebben we dit keer meer geluk en ja hoor, we spotten twee bultruggen en twee harbour porpoise (lijken een beetje op dolfijnen). We volgen de bultruggen een hele tijd. Eén keer is hij zelfs heel dichtbij. Onderweg zit de baai ook nog eens vol met puffins. Eindelijk krijg ik ze te zien (Jeroen, helaas komen we niet langs Ingolfsholdi, maar ben al content met diegene die ik vandaag gezien heb - bedankt voor de tip trouwens). De papegaaiduikers vliegen op een grappige manier net boven het water. Lijkt alsof ze elk moment in het water kunnen vallen. Fantastische ervaring om de walvissen dit keer vanaf een grote boot te zien. De eerste keer dat we ze zagen, zaten we op een klein sloepje met buitenboordmotor in Madagascar. Toen zaten we in shorts nu hadden we speciale warmte overalls aan. Nadat we weer aan wal zijn, brengen we een bezoek aan het walvismuseum. In Husavik is er ook nog fallus museum, maar al die piemels hoeven we niet per se te zien. We doen nog boodschappen in Husavik en rijden dan naar onze hostel. IJsland zijn zeer comfortabel met grote keuken, propere douches en beste ruime slaapkamers. Vandaag hebben we nog eens internet en kunnen we onze blog nog eens online zetten met een paar foto's erbij.
Reacties
Reacties
Allee, dus tóch de puffins gespot!!!! Zelfs zonder Ingolshofdi. Helemaal tof! En in die baai heb ik alleen maar "minkiweels" gezien en geen bultruggen. Dat doen jullie dan weer veel beter. Veel plezier nog!
Hi Kim & Rogier,
Tsjonge wat een prachtige reis maken jullie weer, leuk om jullie te volgen, goede verhalen weer. Veel plezier!
gr. Karin
Hoi Kim en Rogier,
Ik wil even melden dat ik denk dat jullie op de vlucht naar New York ook comfort stoelen hebben in het vliegtuig. Zou dat even mooi zijn :-) Alleen op de terugreis moeten jullie wel tussen het plebs zitten.
Het zit zo; jullie hebben een retourtje New York met op de heenreis een tussenstop IJsland van 2 weken. Om een stopover van langer dan 1 week te mogen maken moest ik jullie in een hoge/dure boekingsklasse zetten op de heenreis. En laat de eerste de beste klasse dan comfort klasse zijn. Heb het even nagekeken ;-)
Heel veel plezier nog de laatste dagen en geniet van het bruisende New York!
Ha...Kim en Rogier! Leuk om de verhalen te lezen. Geniet er nog van,
Chantal
Er komt maar 1 recatie bij me op als ik jullie verhalen lees: IK WIL OKK!!!!
geniet er nog van!
He Kim & Rogier,
Ik heb dan ook eindelijke even jullie verhalen gelezen.
Klinkt erg goed allemaal en ik ben erg nieuwsgierig naar jullie foto's. Die zie ik over 2 weken wel!
Veel plezier in NYC en lekker slapen in Aloft!
XMiran
Reageer
Laat een reactie achter!
- {{ error }}