wij-zijn-ginder-jullie-niet-maar.reismee.nl

Home sweet home

WOENSDAG 15 JUNI

Laatste volledige dag in New York en ons lijstje is nog lang niet helemaal doorgestreept. Ach, dan zullen we maar een keer moeten terugkeren. We beginnen de dag met een wandeling door East Village (Madison square, Flatiron building, Grammercy Park) en eindigen bij Union Square waar elke maandag en woensdag een greenmarket wordt gehouden zodat de New Yorkers ook hun vitamientjes binnen krijgen. Onderweg nog langs een filmset gelopen van een HBO-serie (Bored to death). Die set nam maar liefst twee hele blokken in beslag. Tijdens deze wandeling ook onze allereerste Starbucks frappuccino gedronken. We hebben er echt 10 minuten gestaan om te ontcijferen wat we nu moesten bestellen. Uiteindelijk heeft Rogier maar geluisterd naar het advies van een verkoopster. Volgens mij hebben ze daar goed gelachen met ons. Het plan voor de rest van de dag was dat wel eens efkes Broadway zouden aflopen en dan kwamen we vanzelf bij Central Park uit. Niet zo moeilijk, toch? Euhm, de eerste stop kwam al na 10 meter: een Puma store. Ondertussen kent iedereen Rogier zijn liefde voor sneakers al en zet daar dan nog een korting van 50% bij ter ere van vaderdag, dan weet je het wel.... Het begint met één paar passen, dan komt een volgende en we zijn vertrokken. Uiteindelijk koopt hij twee paar voor hetzelfde bedrag als waar hij thuis welgeteld 1 schoen van kan kopen. Volgende halte is de winkel ernaast: een of andere keten (American Eagle of zoiets) waar ik al snel 4 t-shirts vindt. Rogier wil toch even boven kijken want zijn jeansbroek heeft ondertussen overal gaten gekregen en komt terug met 2 jeansbroeken. Ja, Rogier koopt alles per twee. Daarna lunchen we buiten met het platte gebouw (Flatiron building) recht voor onze neus. Na een serieuze wandeling (althans voor mijn voeten) komen we aan bij Time Square waar de Levi's store op mij wacht (ook 2 jeansbroeken voor bibi) en we gaan nog even binnen bij de gigantisch grote M&M winkel. Drie verdiepingen vol met M&M spullen, je houdt het echt niet voor mogelijk. Net voor we bij Central Park aankomen, vinden we nog het kleine kerstmiswinkeltje. We scoren een kerstbal in donutvorm voor onze kerstboom. Eindelijk komen we aan in Central Park en kan ik mijn voetjes even rust geven. Na de verplichte stops in het park gaan we er langs de westkant uit en eten bij een hummustent op Amsterdam Avenue.

DONDERDAG 16 JUNI + VRIJDAG 17 JUNI

Vanavond vertrekken we en zit onze vakantie er weer op. Gelukkig mogen we tot 12 uur op onze kamer blijven. We vliegen pas om 20.30u en dus besluiten we ook uit te slapen en rustig wakker te worden. We gaan nog even de stad in om de Museum Mile te bekijken. Dit is de weg waaraan een aantal belangrijke musea liggen (Metropolitan Museum en Guggenheim). We bekijken ze enkel aan de buitenkant en lopen nog een klein stukje door Central Park. Daarna de metro in en we stappen af bij Grand Terminal, de stationshal. Hiermee hebben we de meeste dingen gezien die we wilde zien en we sluiten af met een lunch bij Mc Donalds. We waren er nog niet geweest en dat kan natuurlijk niet als hij bijna op elke hoek van de straat zit. We keren terug naar het hotel en halen onze bagage op. Bij het inchecken kregen we nog nooduitgang stoelen dus dat maakte het gemis aan economy comfort een stukje draaglijker ;-). In Reykjavik hadden we een uur vertraging en daarvan hebben we goed gebruik gemaakt door eindelijk onze postkaartjes teschrijven. Ze zijn onderweg en wij weer veilig thuis!

Mmm, waar zullen we volgend jaar eens naartoe gaan?

Ta da ta da da...

WOENSDAG 8 JUNI

Vanuit Berg rijden we naar Daeli, een klein plaatsje vlakbij Hvarstangi (of zoiets want ik heb geen gids meer bij me om het na te kijken). Onderweg stoppen we bij de Godafoss, een mooie waterval die vaak voorkomt op reclames voor Ijsland, maar we merken ook dat we een beetje foss-moe zijn. Ze zijn allemaal ontzettend mooi en net een tikkeltje anders, maar onze hersenen kunnen het niet meer aan of ze zitten in een gewenningsfase want de Ooh's en de Aah's zijn een stuk minder aanwezig dan bij de Gulfoss. We maken wel de nodige foto's en vinden ook nog eens een geocache. Volgende stop is Akureyri, de grootste stad in het Noorden van Ijsland. De stad telt 17.000 inwoners en dat is eigenlijk nog niets. Maar na alle steden van 200 inwoners en dorpen van 3 boerderijen wanen we ons nu in een heuse metropool (dat wordt nog wat in New York). We lopen wat rond en bekijken de botanische tuin (Eveline gaat op zoek naar kleurrijke bloemen), Deense pakhuizen, huizen van bekende schrijvers en dichters en natuurlijk de kerk. Nog nooit zoveel kerken bezocht tijdens een vakantie. In een lokaal koffiehuis nemen we nog iets warms om te drinken, want het blijft hard waaien en de temperatuur is laag voor de tijd van het jaar. Dat hebben we tenminste al een paar lokale mensen horen zeggen. We arriveren in de vroege namiddag in Daeli en na het inchecken besloten we nog een extra rondje te maken over het schiereiland (waarvan ik de naam ben vergeten). We rijden eerst naar een burcht waarvan niet weet waarvoor die ooit gebruikt is. Aangezien er nooit Romeinen zijn geweest op Ijsland gokken wij het een slimme boer is geweest die uit de wind wou zitten met zijn schapen. Het waait er als gek, maar het uitzicht is fenomenaal. We rijden verder en moeten vaak stoppen omdat de weg geblokkeerd is door schapen. Uiteindelijk komen we toch aan bij Osar en parkeren we de auto. We lopen een paadje naar beneden naar het strand toe. In de berm zitten eenden te broeden en vogels houden ons vanuit de lucht in de gaten. Als we te dicht komen bij een grasvlakte beginnen ze heel hard te roepen en vliegen boven je hoofd. Ik denk dat als je doorzet de vogels al je haren uittrekken. Natuurlijk laten we hen gerust en richten we onze aandacht op het strand aan de overkant want daar liggen tientallen zeehonden te rusten (zonnen?). Er zitten er ook een aantal in het water en die vinden het best leuk om gefilmd en gefotografeerd te worden. Ze blijven ons zelfs een stukje volgen terwijl we doorlopen naar Hrevitsekur (witte t-shirt rots). Dit is een vrijstaande rots in de zee die onder de vogelpoep zit (vandaar het witte) en in de vorm van een t-shirt is (als je veel fantasie hebt). We waren van plan om een lus te maken over het schiereiland maar omdat we te lang op deze plaats blijven en we toch stilaan honger krijgen (het is 19.30u) besloten we terug te rijden en via de ringweg op zoek te gaan naar een restaurant. Helaas zijn er niet veel optiemogelijkheden en eindigen we met een hamburger en frieten in een tankstation. Ach ja, morgen beter!

DONDERDAG 9 JUNI

Na een uitgebreid ontbijt in het hotel / farmholiday zijn we klaar voor een tocht van ongeveer 200 km. We rijden naar Grundjarfjordur in het Zuidwesten van het eiland. We schieten goed op en besluiten - op aanraden van de receptioniste in het hotel - een stop te maken in Stykkisholmur. Voor we daar aanmaken, zien we nog een poolvos over de weg lopen. Hij kijkt ons nog een paar keer na voor hij ervandoor gaat. Nooit gedacht dat we die zouden tegenkomen in het wild! Jammer genoeg hebben we hem niet op foto. Net voor we Stykkisholmur inrijden, stoppen we nog even bij een rots die je volgens de legende moet opklimmen zonder te praten of achterom te kijken. Wanneer je op de top bent, mag je drie wensen uitspreken (gericht naar het oosten) en die zouden dan uitkomen. Dat willen we wel eens proberen. Drie wensen zijn er wel heel veel, dus ik beperk me tot twee (helaas kan ik niet vertellen wat ik gewenst heb, maar als ze uitgekomen zijn, zal ik het laten weten). In Stukkisholmur lopen we naar de vuurtoren en informeren naar een boottocht langsheen een paar van de 2000 eilandjes die hier in de baai liggen. Lijkt ons wel leuk, maar eerst die magen vullen. We vinden een mooi restaurant waar het behoorlijk druk is. De service en het eten zijn geweldig. We haasten ons naar het kantoor en 5 minuten voor de boottrip begint, stappen we aan boord (perfecte timing van Wouter). De kapitein en tevens gids vertelt veel over de regio en de vogels. We zien een arend broeden, nesten van alken, Noordse sterns, aalscholvers en zelfs een paar puffins (maar veel minder dan normaal - waar hangen die beesten uit). Er wordt ook een kort stukje over de bodem geschraapt om te laten zien wat er allemaal in zee leeft en wat je allemaal kan eten. Na een uitgebreide uitleg en degustatie gaat alles weer terug keurig de zee in. Alvorens we in onze hostel aankomen, rijden we nog een 40-tal kilometer. We zijn net op tijd van de boot want het regent pijpenstelen. In Grundjarfjordur doet International hostel zulke goeie zaken dat ze hebben moeten uitbreiden en sinds een paar dagen een nieuwe blok in de haven hebben geopend. We zijn één van de eersten die er gebruik van mogen maken. We flansen een maaltijd in elkaar van de producten die we allemaal nog hebben om het weggooien te verminderen. Tijdens het kaarten drinken we onze laatste fles wijn die we in Schiphol hadden gekocht.

VRIJDAG 10 JUNI

De auto moeten we vandaag inleveren voor 13.30u en omdat we niet een idee hebben hoe lang we erover doen, vertrekken we vroeg en rijden goed door. Doordat we vroeg in Reykjavik zijn, kunnen Rogier en ik nog eens een kans wagen op het zoeken naar walvissen. Op dag twee gingen we op een boottocht en omdat we niets zagen, mochten we nog een keer. We vragen nog voor we op de boot stappen of de puffins ondertussen al gearriveerd zijn op het eilandje. 'Ja, ja, ze zijn er!' vertelde de gids. Het is niet dezelfde praatgrage mie, maar later zal blijken dat ze minstens even graag praat en dezelfde loze beloftes maakt. Weer geen enkele puffins gezien op het hele eiland speciaal voor hen. (maybe they are shy today, maybe we should sing a song for them, maybe... en blablabla maar door) Wel zien we een hele troep / bende / kudde (of hoe noem je zoiets) dolfijnen met zelfs een kleintje en we zien ook een minke whale (daar wordt hier trouwens nog op gejaagd) en je gelooft het nooit....twee papegaaiduikers vlak voor de boot. De boot zelf die zat vol Amerikanen die waren geland met een groot cruiseschip. Blijft toch een apart volk dat over het minst verbaasd is en totaal wereldvreemd is, maar hierover volgt binnen een paar dagen vast meer. We kopen nog een souvenir: een kerstbal in de vorm van een papegaaiduiker (ja, ik weet het, ik heb iets met die beesten) gemaakt van wol. We proberen op elke reis een kerstbal of iets dergelijks te kopen, dan kunnen we herinneringen aan onze reizen ophalen met kerst en zijn we zeker dat we de meest unieke en waarschijnlijk ook meest kitscherige kerstboom leertijden hebben. Stel je voor: een groene dennenboom met Nepalese maskertjes, Malinese en Senegalese kalebassen, Malinees engeltje uit oud ijzer, Tanzaniaans kerststalletje uit stro en een Indonenisch geschilderd ei aan een touwtje.

We doen eerst nog een drankje met z'n vieren in de Laundromat (kennen we nog van de vorige keer) en willen gaan eten bij Vegamot (volgens Wouter z'n app the place to be). Inderdaad, want het zit stampvol en er zijn nog een hoop wachtenden voor ons. Dan maar een andere tent, maar ook daar (ben de naam kwijt) was het eten prima. We gaan nog een pintje drinken bij Kaffibarinn omdat ik heb afgesproken met Thora. Zij werkt voor Nordic Visitor en is een agent van Sawadee. Ik had haar voor de reis gecontacteerd in verband met de eruptie van Grimsvotn. Ze was erg aardig en gaf ons uitgebreid informatie. We hadden afgesproken om elkaar te ontmoeten. Zo gezegd zo gedaan. Het wordt een gezellige avond en nemen net voor middernacht afscheid van Eveline en Wouter. Zij moeten morgen vroeger op om naar de luchthaven te gaan. Het was een geweldig verlof en hebben het met z'n vieren super naar onze zin gehad.

ZATERDAG 11 JUNI

We staan heel even om om 4.45u om onze vriendjes uit te zwaaien en kruipen dan nog terug voor anderhalf uur. Wij hadden de bus van 7.30u gereserveerd om ons naar de luchthaven te brengen. Zowel de bus als het vliegtuig waren laat, maar beide zijn wel vertrokken en dus vliegen we nu richting New York. We zitten weer geweldig in de comfort class en genieten nu van een mooi zicht over Groenland. We bereiden ons voor op de grote cultuurschok (en temperatuursverschil).

De verwelkoming was niet echt hartelijk te noemen: we hebben anderhalfuur moeten wachten om door de douane te komen. Terwijl US citizens minstens 6 beambte kregen om hun gegevens te controleren, moesten ongeveer 250 niet-Amerikanen wachten tot 2 (!!) douane beambtes klaar waren met het nemen van alle vingerafdrukken en irisscans. Schandalig! Daarna een lange metrorit naar Harlem. Yep, Harlem, want daar slapen wij. Rogier bleek tijdens onze reis in Ijsland niet meer zo overtuigd van onze keuze, maar toen hij het hotel zag (en het politiebureau aan de overkant van de straat) was hij weer helemaal overtuigd. Onze kamer is gigantisch. Blijkbaar hebben we een gehandicapten vriendelijk kamer, niet dat we er speciaal om gevraagd hebben, maar onze badkamer is gigantisch en dus zeggen we geen nee. Ik schat dat onze kamer ongeveer 35 m² groot is. Het bed is twee keer zo groot als het bed dat we thuis hebben en de televisie minstens 3 keer. We slapen in Aloft en dat is een onderdeel van Starwood Hotels. Dankzij een vriendinnetje krijgen we korting en dus kunnen wij hier heerlijk bijkomen in ons 4* hotel zonder compleet bankroet te zijn.

Rogier was niet meer te houden en dus zijn we na een verfrissende douche direct terug naar de metro gegaan en uitgestapt op Time Square. Je raadt nooit wie bijna de allereerste vent was wie we daar tegen het lijf lopen: ............Johnny de Mol. Hij liep daar samen met Irene Moors, althans dat zegt Rogier want die ken ik niet. We lopen een klein rondje en bekijken een gigantische speelgoedwinkel. Toen we vanochtend in de bus zaten naar de luchthaven begon een Amerikaan tegen Rogier te praten. Hij gaf hem de tip om naar 9th Avenue te gaan om te eten. Volgens hem betaalbaar en lekker. Via een app hadden we in die buurt (Hell's kitchen voor de kenners) nog een leuke Thai gevonden. Inderdaad, onze Ijslandse Amerikaanse vriend kreeg gelijk: erg lekker (net alsof we terug in Bangkok waren) en zeer betaalbaar (50 USD). We begonnen onze jetlag te voelen en besloten maar eens vroeg in bed te kruipen.

ZONDAG 12 JUNI

Rogier was vroeg wakker, ik iets later want had nog een film gekeken op ons megabeeldscherm (van Philips zowaar). Het weer was bewolkt en erg mistig. Rogier niet zo blij want dan kan hij geen goede foto's maken, dus wilde hij liever geen ferry nemen langs het Vrijheidsbeeld of een Brooklyn bridge oversteken (veel beter met blauwe lucht). Gelukkig is hier zoveel te zien dat er nog keuze genoeg is. We besloten te beginnen met een rondje Downtown (wall street, WTC memoriaal, Trinity church, City Hall, Battery Park). In de Lonely Planet staan leuke korte wandelingen voor elke buurt. Na deze wandeling en een broodje in City Hall¨Park besloten we de metro te nemen naar Coney Island. Dit ligt helemaal in het zuiden van Brooklyn en is aan de zee. Hier zijn veel amusementsparken en freakshows. Veel lokalen komen er naartoe op zondag en dus leek het ons wel de moeite. In de metro geraakte ik aan de praat met een Russische dame die al 20 jaar in New York woont. Ze snapte helemaal niets van ons, waarom zou je op dag 1 van je bezoek aan New York naar Coney Island willen gaan? Veel te gevaarlijk, niets te zien en veel te veel negers (haar woorden). Nee, als we dan toch naar daar moesten dan beter naar Brighton beach, want daar wonen de Russen en daar is het tenminste veilig. Volgens haar kan je er ook nog heerlijk eten. Toen ik haar vertelde dat we sliepen in Harlem, werd ze helemaal gek of vond ze dat misschien van mij. Hilarisch gesprek waaruit blijkt dat Amerikanen toch een ander slag volk zijn. Gelukkig wel ontzettend hulpvaardig. Je moet nog maar twee minuten op een metrokaart kijken of de eerste wil je al komen helpen. Maar ik wijk af, Coney Island en Brighton Beach, leuke boardwalk wandeling gemaakt. Bij Coney Island zie je heel veel Puerto Ricanen, terwijl de Russen echt wel in Brighton Beach wonen. De Puerto Ricanen hadden dit weekend ook een groot feestweekend met optochten op Fifth Avenue en feestjes overal. Rogier koopt nog een t-shirt in een Russische winkel en dan nemen we de metro naar Brooklyn Heights, een andere buurt in Brooklyn. Ook hier volgen we weer de LP wandeling en komen langs de Brooklyn Heights Promenade, een nieuw parkje met uitzicht op Manhattan, Dumbo en steken terug over op de Manhattan brug. Aan de andere kant van de brug komen we uit in Chinatown (ja, ja, in NY maak je heel snel een reis rond de wereld) en dankzij onze app komen we weer uit bij een leuk restaurantje met heerlijk Chinees eten voor superweinig geld.

Nu bekaf en tijd voor een dutje want morgen gaan we verder op verkenning.

MAANDAG 13 JUNI

Kim heeft vandaag even geen zin om te typen... dus vandaag moeten jullie het met mijn verslagje doen. Rond een uur of negen liepen we weer met veel zin en fris gewassen door ons buurtje richting de metro om rond een uur of 10 aan te komen bij het MOMA (Museum Of Modern Art). Net effe te vroeg want de boel ging pas om 10.30 open dus maar even in de museumwinkel rondgelopen en daar meteen de eerste aankoop van de dag gedaan (er zouden er deze dag nog veel meer volgen). Het museum hebben we voor het gemak maar apart bekeken. De voorkeur van Kim ging naar 5e en 6e verdiepingen (Picasso, Delvaux en nog een paar van die dode schilders), ik ging voor het restaurant en de tuin. (en de grafische en fotografie collectie).

Tijd voor 5th avenue. De koopgoot van New York hier is werkelijk alles te vinden van Prada tot The Gap en van Tiffany's tot de Apple winkel. Waar we voor t gemak maar zijn begonnen... gekkenhuis! Ongelofelijk druk en na navraag bij één van de verkopers bleek t eigenlijk gewoon een normale dag te zijn. Maar goed de iPod voor moeders is binnen. Nog wat winkels ingelopen waaronder eentje waarbij het personeel in zwemkleding rondliep.

Ondertussen een flinke honger gekregen en onze eerste hamburger gegeten bij de Prime Burger. Een leuke tent waar het personeel nu niet in hun zwembroek rondloopt maar in ietwat smoezelige witte jasjes met vlinderdas. En de hamburgers vers gemaakt en met op de achtergrond oude soulmuziek.

Na de hamburger 67 verdiepingen de hoogte in en een mooi uitzicht over New York vanaf de Rockefeller Tower.

In Soho nog schoenen en T-shirts ingeslagen en ergens in de buurt tussen al het hippe volk een hapje en een drankje gedaan om vervolgens vermoeid weer richting het hotel terug te gaan. De twee weken IJsland en de dagen met veel gewandel in New York beginnen langzaam hun tol te eisen... we zijn een beetje moe!

DINSDAG 14 JUNI

Gelukkig een blauwe lucht vandaag en dus kunnen we alle dingen doen waarbij Rogier veel wil fotograferen. We beginnen met een bootrit naar Staten Island (veel minder wind hier op de boot Eveline) om zo mooie foto's van het vrijheidsbeeld(je) te maken. Vervolgens terug te metro in (ja, die metro dat lukt aardig - zelfs express en local trains uit elkaar houden) richting Brooklyn om terug te lopen over de Brooklyn Bridge. De fietsers op de brug houden van ook spelletje: zoveel mogelijk toeristen de schrik aanjagen door met grote snelheid en belgerinkel langs te sjeezen (mijn favoriet spel op de Dam en Zeedijk). Na de brug direct weer de metro in (vol programma weer vandaag) om een wandeling te maken in Greenwich Village en West Village. Onderweg een heerlijk klein bakkerijtje gevonden met lekker broodjes. Doorgelopen via Meatpacking District (aan te raden buurt voor al wie nog gaat) over the high line (een oud, hoger gelegen treinspoor dat nu helemaal is aangeplant en 'verhipt' tot wandelpromenade. Na een korte regenstop nog even door naar een paar winkels op Sixth Avenue. Geloof het of niet, maar meestal is het Rogier die vraagt om te winkelen. Het werd ons toch iets te druk (de solden bij Victoria Secret zijn een hel). We nemen de metro terug naar 125th Street (onze halte) en gaan op zoek naar een portie soulfood. Je kan toch moeilijk 6 dagen logeren in Harlem zonder die buurt gezien en geproefd te hebben. Sylvia's restaurant staat erom bekend. Ze blijkt zelfs haar eigen sauzen in de supermarkt te hebben. Het was vettig maar erg lekker. Dat zal een extra groot hardlooprondje worden.

Four seasons in one day

DINSDAG 31 MEI

Na het ontbijt rijden we naar Thingvellir. Dit is een onderdeel van de Golden Circle (een typische toeristische uitstap met ook nog Geysir en Gulfoss in het rondje). Thingvellir is een nationaal park dat staat op de werelderfgoed lijst van Unesco. Hiervoor moeten we een stukje terugrijden, maar dat vinden we niet erg want de weg ernaartoe is gloednieuw en biedt mooie vergezichten. Het park is een scheur van 6 km lang tussen twee tektonische platen (meer bepaald de Noord-Amerikaanse en de Euraziatische plaat). De breukvlakken zijn hier ontzettend goed zichtbaar. Deze plaats is ook bekend omdat hier in 930 die eerste volksvertegenwoordiging bijeenkwam. Natuur en cultuur komen hier als het ware perfect samen. Een supermooi gebied waar we maar liefst drie uur rondwandelen. Daarna nemen we dezelfde weg terug naar Laugarvatn. Dankzij de Dominicus gids van IJsland komen we ook te weten dat vlak voor Geysir nog een mooie waterval ligt. Het leuke aan deze waterval is dat hij alleen te voet bereikbaar is en kans op veel andere toeristen dus praktisch nihil. Het is een vlakke wandeling van een uurtje en inderdaad Willem (auteur van het boek) heeft niet gelogen. Na de wandeling rijden we verder naar Geysir, de bekendste springbron van het hele land. Jammer is dat hij minder regelmatig spuit (slechts één tot twee keer per dag) en dus richten we onze aandacht op de Strokkur. Deze spuit om de 4 à 8 minuten en voor mensen als ons (met een druk programma) dus ideaal. We zien hem ongeveer een vijftal keer spuiten. Indrukwekkend! We hebben al twee watervallen gezien maar omdat we er geen genoeg van krijgen, rijden we naar Gulfoss. Dit is één van IJslands mooiste watervallen. Het water valt in twee trappen en het is enorm. Naar het schijnt valt er in de zomer gemiddeld 130 m³ per seconde naar beneden. Het leuke is ook dat je hem zowel van boven als van beneden kan zien. De nevel en natte broek krijg je er gratis bij. Jammer dat het vandaag wat kouder is en ondertussen hebben we ook door dat onze hostel voor de nacht niet in Hvolsvollur ligt maar 60 km verder in Skogar. We hebben dus nog een flinke rit voor de boeg. We zitten nog maar net in de auto of het begint te regenen. We stoppen nog even in Hvolsvollur voor boodschappen en besluiten ook maar te eten want zin om te koken zullen we vanavond niet meer krijgen. Na een pizza rijden we het laatste stuk. We komen nog langs Seljalandsfoss (foss = waterval) en houden nog een korte fotostop. Vanaf nu rijden we langs Eyjafjallajokull (jaja, ken je hem nog??) en dat biedt niet normaal mooie uitzichten. Groene bergketens met daarboven een gletsjer en om de honderd meter een waterval. De schapen met lammetjes op de voorgrond maken het beeld compleet. Beetje jammer van de regen maar die nemen we voor lief. Om half negen komen we aan in Skogar. In dit kleine dorpje (denk vijf boerderijen en een school) ligt de Skogarfoss, een 60 meter hoge waterval. Het voormalige schooltje is omgebouwd tot een hostel en daar mogen wij slapen vannacht. De mannen hebben er nog geen genoeg van en gaan nog voor een avondwandeling naar de waterval. Vlien en ik (bijrijder en chauffeur van de dag) zijn gaar en vallen in slaap alleen nog maar bij het zien van een bed.

Nog even een korte anekdote: in de nacht van 20-21 maart 2010 moesten zo'n 500 mensen geëvacueerd worden in Skogar omdat de vulkaan onder de Eyjafjallajokul na 200 jaar weer eens van zich moest laten horen en dat zal het Europese luchtruim geweten hebben.

WOENSDAG 1 JUNI

Na een geweldig goede nachtrust trekken we met z'n allen naar de waterval. Dankzij Willem (daar is hij weer) komen we te weten dat we de trap naar boven moeten nemen en kunnen terugkeren via een slecht jeepspoor, onderweg zullen we nog watervallen tegenkomen, schrijft hij. Hij heeft niet gelogen wat betreft de watervallen, maar dat jeepspoor vinden we niet en omdat het alweer 12 uur is besloten we rechtsomkeer te maken. We doen ook nog het volksmuseum aan (het Bokrijk van IJsland) en daarna laten we Skogar echt achter ons. Tien kilometer verder moeten we de ringweg alweer verlaten voor een stop bij Solheimajokull. Dit is een uitloper (gletsjertong) van de gletsjer Myrdalsjokull. We wandelen een stukje langs en op het ijs. Jammer dat er een hele aslaag op het ijs ligt, maar desalniettemin blijft het een prachtig zicht. De volgende stop is Dyrholaey. Dit is een in zee uitstekende kaap met een groot gat erin. Het is tevens het meest zuidelijkste puntje van IJsland én een plaats om puffins te spotten. Zou het ons dan toch lukken? .... Helaas is het gesloten van 1 mei tot 25 juni omdat vele vogels (waaronder de puffins) hier komen om te broeden. Gelukkig is er nog van alles anders mooi te zien: tufsteenformaties, een grot met broedende zeevogels en weeral een supermooi uitzicht. Ja, het begint een beetje afgezaagd te worden maar de landschappen zijn hier erg mooi. Ik kan er niets aan doen, kom het gewoon zelf maar eens bekijken. We rijden een stukje verder naar het strand van Reynisdrangar vanwaar we wel het gat in de rots bij Dyroholaey kunnen bekijken (en fotograferen natuurlijk). Vlakbij het strand zijn ook nog een aantal hoge rotspunten. Verhaaltje hierbij is dat men beweert dat het de resten zijn van een driemaster die door twee trollen aan land werd getrokken. Ze werden echter verrast (verast zou in deze regio echter ook kunnen) door de zonsopgang waardoor zij en het schip in steen veranderden. Na de laatste boodschappen en tankbeurt in Vik zijn we klaar voor de laatste 100 km van de dag. We doen nog een laatste stop bij een plaats waar iedereen een steen op een steenmannetje (een bergje gevormd door lossen stenen) moet leggen om een veilige, pechvrije doortocht te hebben. Rond 19u komen we aan in Hvoll (miniplaats met 1 boerderij en een hostel) en checken we in. Het was vandaag trouwens een stralende dag met veel zon en af en toe een beetje wind. Omstreeks half negen hadden we nog megahelder uitzicht op de Vatnajokull (de grootste gletsjer van het land, de Grimsvotn ligt hier trouwens ook onder) en smeren we nog maar eens wat zonnecrème op ons gezicht. Bij een glaasje rum bepalen we welke wandeling we morgen gaan maken in het Skaftafell Nationaal Park. Yep, morgen geen reisdag, maar een wandeldag!

DONDERDAG 2 JUNI

Vandaag naar Skaftafell Nationaal Park. Dit park is een onderdeel van de grootste gletsjer van IJsland, de Vatnajokul. We maken een korte wandeling naar Swartifoss. Dit is de zwarte waterval, zwart omdat het basaltstenen zijn. Het was niet echt een supermooie waterval, we zijn ondertussen al verwend, maar het gebied eromheen is erg mooi. Doordat we gisteren en vandaag veelal door spoelvlaktes (vlaktes met veel steen en as gevormd door de uitbarstingen van de verschillende vulkanen in de regio) zijn gereden, kunnen we het groene berkenbos en andere kleine kleurrijke begroeiing erg waarderen. Eveline en Wouter besluiten bij de waterval terug te keren naar het informatiecentrum. Rogier en ik maken de wandeling nog iets langer door verder te lopen naar een uitzichtpunt. Dit uitzichtpunt gaat verder door het struikgewas en brengt ons naar de andere eind van het park waar we een uitzicht hebben op een gletsjertong. Door de recente uitbarsting van de Grimsvotn is die helaas niet zo wit als normaal, maar donkergrijs. Gelukkig komt net de zon kijken en krijgen we een mooi zicht op de bergen gehuld in witte sneeuw. Rogier wil graag een glacier walk (wandeling op het ijs) maken en dus moeten we terug zijn om 14u omdat dan de tocht vertrekt. We kunnen nog net mee en na een korte uitleg over de stijgijzers, maken we een twee uur durende tocht over het weeral pikzwarte ijs. Best jammer dat alles bedekt is onder een aslaag, maar langs de andere kant ook wel weer apart om te zien. August, onze IJslandse gids, laat ons nog wel een grot zien met wit en blauw ijs. Hij vertelt ook dat als het nog twee weken goed regent en waait het ijs weer helemaal wit zal zijn. Tja, dat zullen we dan maar geloven en ooit voor moeten terugkeren. We gaan nog snel op zoek naar een supermarkt en veel keus qua voedingsmiddelen hebben we er niet. Het wordt een echte studentenmaaltijd met pakjessoep en Aiki Noodles. Na een heerlijke douche (zonder geur - het meeste douchewater heeft een zwavelgeur) spelen we nog een paar spelletjes en genieten we van onze eerste fles cava.

VRIJDAG 3 JUNI

Lange reisdag vandaag met maar liefst meer dan 300 kilometer op het programma. Op zich valt dat wel mee, maar om elke bocht krijg je hier weer een ander natuurschoon te zien en onze twee amateurfotografen op de achterbank willen graag overal een fotoshoot. Dit maakt dat we gemiddeld 50 km per uur rijden. Kortom, vroeg op en vroeg vertrekken vandaag. Zogezegd, zo gedaan! De eerste kilometer hoeven we niet meer te stoppen want daar waren we gisteren voor het Skaftafell Nationaal Park. De Willem (van het Dominicus boek) raadt ons nog enkele mooie watervallen en kerkjes aan en daarna is het zover: het Jokulsarlon meer. Dit gletsjermeer is het mooiste meer van het land en bekend van vele ansichtkaarten. In het meer drijven verschillende ijsblokken met verschillende vormen en kleuren. Gelukkig kantelen die ijsbergen af en toe en dus zit hier niet alles onder de aslaag. We stoppen verschillende keren bij het meer en ook aan het strand waar het gletsjermeer uitmondt in de zee. Hier liggen kleinere ijsblokken op het zwarte zand. We kunnen er geen genoeg van krijgen en maken ook nog een boottochtje op het meer. We hebben superveel geluk want de lucht is strakblauw en de zon is er ook. Grappig om zien is dat zelfs de bootsman (die het tochtje meermaals per dag en zeker per week maakt) foto's aan het trekken is. Na het uitgebreid bezoek rijden we door tot Höfn. Een vissersplaats die mooi gelegen is tussen twee fjordurs (fjorden). Daarna is het nog een lange tocht langs de fjorden. Mooie uitzichten, maar soms ook wel vermoeiend want in vogelvlucht liggen de plaatsen misschien 20 km uit elkaar, maar omdat ze door een fjord van elkaar gescheiden zijn, moet je helemaal rondrijden. We stoppen nog even bij Djupivogur en vullen onze tank alvorens we het laatste fjord van de dag doorrijden. Eindbestemming is het hostel in Berunes. Alweer een toplocatie en hier hebben we voor het eerst een cottage voor onszelf. Hij is heel erg knus (bijna een huisje voor kabouters) maar prima voor één nacht.

ZATERDAG 4 JUNI

We besluiten om niet verder langs de fjorden te rijden, maar via de Oxi-pas. Dit is een shortcut, maar ook een mooie, steile route met veel watervallen (ja, daar krijgen we nooit genoeg van). We stoppen nog even bij een waterval en doen een kleine poging tot het zoeken van een geocache (soort van schatten die mensen over de hele wereld verstoppen) maar de gps van een iPhone is niet nauwkeurig genoeg en dus geven we het op. Het is weer een schitterende dag met veel zon en we doen ons eerste terrasje. Weliswaar bij een tankstation met een kop koffie (voor de heren een ijsje), maar het is een begin. Ik zou toch nog graag één fjord willen zien en we rijden van Egilstadir even op en af naar Seydisfjordur. We rijden door de sneeuwtoppen van de bergen naar het dal en het dorp. Hier komen de boten van het Europese vasteland aan. Vandaag komt er geen boot aan en is er dus ook geen bedrijvigheid in de haven. Wel heeft de hele bevolking zicht verzamelt bij de visfabriek. Het blijkt - zo lezen we in de rough guide - dat het vandaag Seamen's Day is. Dit is een groots volksfeest met zwem-en roeiwedstrijden en touwtrekken. En inderdaad na de roeiwedstrijdjes begint het touwtrekken. Er staan twee luchtkastelen, een barbecue en een wafelenbak. Kortom, een typische braderie. Ondertussen kunnen we beter kennismaken met de IJslandse bevolking. Stiekem bekijken ze je wel, maar echt spraakzaam zijn ze niet (evenmin als modieus trouwens). Contact met ze maken is erg lastig, ach het zal wel met het weer te maken hebben. We keren terug naar Egilstadir en vanaf daar rijden we richting Borgarfjordur. Ergens halverwege is boerderij Ekra en dat is onze eindbestemming. Vandaag geen hostel, maar een cottage van farmholidays. Je slaapt bij de boeren en kan zo kennismaken met het boerderijleven. We zijn echt content met onze grote (Zwitserse) chalet en genieten van een rustig namiddag en avond.

ZONDAG 5 JUNI

Vandaag zondag Losdag (sjosdag voor de ollanders) en dus doen we het wat rustiger aan. We vertrekken pas rond een uur of 10 en de eerste stop is een mooi gelegen kerkje. Daarna komen we terug op de ringweg en onderweg zou er een geocache verstopt zijn. Ondanks de slechte gps proberen we het nog een keer en dit keer hebben we prijs. Best grappig om te zien dat er in the middle of nowhere mensen doosjes verstoppen. De eerste echte stop van de dag is de Dettifoss. Ja, alweer een waterval en niet zomaar één. Het is een hele grote waterval met een gigantisch debiet. Jammer was wel dat het sneeuwde. We zitten nu in het Noorden van IJsland en we zullen het geweten hebben: sneeuw, gure wind, regen en heel weinig zon. We zijn natuurlijk al behoorlijk verwend de afgelopen dagen door het weer en daarom komt het zo hard aan. We rijden verder naar Asbyrgi kloof. Deze kloof, ook wel de godenburcht genoemd, is een lange, V-vormige kloof met steile rotswanden. De legende gaat dat de kloof de hoefafdruk is van Sleipnir, het achtbenige paard van de Vikinggod, Odin. Het paard kwam op een dag op IJsland en struikelde en liet deze hoefafdruk achter. Je kan hier mooie wandelingen maken. Helaas is het weer nog te guur voor ons en beperken we ons tot een mini-wandeling onder in de kloof. We haasten ons snel de auto in en rijden terug naar de ringweg om onze weg naar Myvatn verder te zetten. We stoppen bij de supermarkt voor boodschappen en rijden daarna rond het meer om in te checken in onze volgende cottage. Hier zullen we twee nachten blijven om de buurt te verkennen. De boerderij is weer mooi gelegen, maar de chalet is toch minder afgewerkt dan de vorige. We hebben wel 4 slaapkamers, dus als onze mannen te veel drinken, kunnen ze nog altijd in het zattemansbedje. Het blijft waaien en dus maken we maar geen ommetje meer.

MAANDAG 6 JUNI

Het heeft gesneeuwd vannacht en de schapen van de boerderij zoeken de warmte van onze chalet op aan onze voordeur. Helaas moeten we toch even de rust verstoren want we moeten weer op verkenningstocht. We maken een hele toer rond het Myvatn meer. Dit muggenmeer (wat zo heet het in het Nederlands) is een beschermd natuurgebied met solfatarenvelden, pseudokraters, vreemdsoortige lavaformaties, maar ook is het een broedgebied van verschillende vogels. Kortom van alles te beleven! We rijden eerst naar Krafla. Hier is een magmakamer diep in de grond verborgen met verschillende spleetzones waarlangs het magma (lava) kan ontsnappen. Dit gebied wordt gekenmerkt door oude en nieuwe lava (bijv. nog van 1980) en warme bronnen. Door de sulfer die hier vrijkomt krijg je hier een heel kleurenpalet te zien (en te ruiken). We maken een ijskoude wandeling lang de Leihnjukur berg. Hier ligt een solfatarenveld en die vormt een rare combinatie met de verse, zwarte lava. Echt bizar hoe hier de aarde is. Omdat we toch niet alles hebben onthouden van de aardrijkskundelessen brengen we ook een bezoek aan het visitorscentre van de geothermische krachtcentrale. Hier spelen ze een film die meer uitleg geeft over wat we allemaal gezien hebben. We zitten nog maar net of de twee bevallige dames die er werken, geven aan dat het lunchtijd is en dat we binnen 30 minuten mogen binnenkomen. Niet dus, we besluiten maar verder te rijden naar een ander solfatarenveld vlakbij de weg. Hier zie je heel duidelijk brubbelende modderbaden en zwavelbronnen. De stank is niet te houden en vluchten snel de auto in. We zijn helemaal verkleumd en het is dus de hoogste tijd voor een heerlijk, relaxt warmwaterbad. Geheel toevallig is dat ook onze volgende stop de nature baths van Myvatn. Eveline en ik zien het niet zitten om in onze bikini naar het buitenbad te gaan, maar we zijn stoer en zetten door. Gelukkig want het was lekker warm én een stuk minder druk dan de Blue Lagoon. We genieten van het warme water en komen weer op temperatuur. Nadat we helemaal verrimpelt zijn, besluiten we er toch maar eens uit te gaan. We maken nog een korte stop bij een barst in de aardkorst (Grjotagja), bij een uit as opgebouwde ringkrater en bij Dimmuborgir (donkere burcht). Dit is een plaats waar verschillende lavarotsen gekke vormen hebben aangenomen, met een beetje verbeelding kan je er verschillende dingen in kan zien. We gaan op zoek naar 'het gat'. Nadat we dat gevonden hebben (en gefotografeerd) maken we nog enkele korte fotostops rond het meer. Rogier en Wouter zijn in topvorm en hevig gebrand op het maken van de mooiste foto's. Ze trotseren de kou en de wind tot zelfs hun vingers er bijna van afvriezen. Genoeg gezien voor vandaag en geen goesting meer om te koken, zeker omdat we geen dampkap hebben en gisteravond de hele avond in de rook van de gebakken aardappels hebben gezeten. We stoppen bij een restaurant (aangeraden door de rough guide) en het was de aanbeveling waard. Heerlijke visjes die recht uit het meer komen. Mmmm! We rijden terug naar huis terwijl de zon heel fel schijnt (eindelijk en het is pas 20u). We kaarten nog wat en legen onze laatste fles cava.

DINSDAG 7 JUNI

We laten het meer en groene vegetatie achter ons en rijden terug de lavavelden in. We stoppen onderweg bij een turfboerderij die een heel museum blijkt te herbergen. De conservator is superaardig en het museum is ook nog interessant. Na dit bezoek rijden we verder naar Husavik. Deze vissersplaats met wel 200 inwoners (een grote stad dus) noemt zichzelf de walvishoofdstad van Europa. Poging twee om walvissen te gaan spotten. Hopelijk hebben we dit keer meer geluk en ja hoor, we spotten twee bultruggen en twee harbour porpoise (lijken een beetje op dolfijnen). We volgen de bultruggen een hele tijd. Eén keer is hij zelfs heel dichtbij. Onderweg zit de baai ook nog eens vol met puffins. Eindelijk krijg ik ze te zien (Jeroen, helaas komen we niet langs Ingolfsholdi, maar ben al content met diegene die ik vandaag gezien heb - bedankt voor de tip trouwens). De papegaaiduikers vliegen op een grappige manier net boven het water. Lijkt alsof ze elk moment in het water kunnen vallen. Fantastische ervaring om de walvissen dit keer vanaf een grote boot te zien. De eerste keer dat we ze zagen, zaten we op een klein sloepje met buitenboordmotor in Madagascar. Toen zaten we in shorts nu hadden we speciale warmte overalls aan. Nadat we weer aan wal zijn, brengen we een bezoek aan het walvismuseum. In Husavik is er ook nog fallus museum, maar al die piemels hoeven we niet per se te zien. We doen nog boodschappen in Husavik en rijden dan naar onze hostel. IJsland zijn zeer comfortabel met grote keuken, propere douches en beste ruime slaapkamers. Vandaag hebben we nog eens internet en kunnen we onze blog nog eens online zetten met een paar foto's erbij.

Weg met de puffins

ZATERDAG 28 MEI

Dit keer geen verschrikkelijk vroege ochtendvlucht, maar een comfortabele namiddagvlucht van slechts 3 uur. Na de laatste dingen te hebben ingepakt, nog even langs de bakker voor een vers brood bij het ontbijt en bij de krantenboer een gazet voor in het vliegtuig. Onze vriendjes zitten ondertussen al twee uur in de trein richting Schiphol wanneer wij in de bus stappen. Later zal blijken dat een treinrit die normaal anderhalfuur duurt, bij hen 3 uur in beslag heeft genomen en zelfs via Nijmegen is gegaan. Ach ja, de trein is ook een beetje reizen, zeker? Bij het inchecken kwam aangename verrassing nummer één: we zouden economy comfort geboekt hebben. Wij weten van niets, collega luchtvaart nog minder, maar we zeggen geen nee. Nadat we door de douane zijn, doen we de laatste inkopen: 2 flessen cava, 1 fles witte wijn, 1 fles rode wijn, 1 fles gin en 3 flessen rum. Schijnt is alcohol heel erg duur in IJsland en dus kan je maar beter goed voorbereid zijn. Wij (Rogier en ik) mogen inderdaad plaats nemen in de business seats, krijgen meteen een drankje en een superzacht fleecedeken aangeboden. Na het opstijgen krijgen we een menukaart in onze handen gedrukt. Wat we willen eten? Dankzij de comfort class hoeven we niet bij te betalen en genieten wij van een caeser salad en sushi met aangepaste wijnen natuurlijk. We denken aan onze vriendjes met hun sandwiches met choco. Kortom, Nancy is de allerbeste collega! Vanuit de lucht krijgen we de blue lagoon al te zien. Aangename verrassing nummer twee is er wanneer we de luchthaven uitstappen. Niemand die ons lastig komt vallen voor een taxi of een toertje te verkopen en we kunnen onmiddellijk met de bus mee naar Reykjavik waar we netjes voor de deur van het hostel worden afgezet. Dit wordt een ander soort reis dan de vorige twee. We lopen via de zeedijk nog naar de stad voor een eerste kennismaking. Na het diner duiken we het IJslandse nachtleven in. Hiervoor werden we gewaarschuwd en inderdaad het feestje gaat de hele nacht door, net als de zon trouwens want die gaat hier ook niet meer onder. De jeugd van Reykjavik is vooral te herkennen aan hun opvallende, uitdagende en zeer alternatieve kledij. De pinten zijn groot en het bier vloeit rijkelijk. Jammer genoeg ligt ons hostel iets buiten het centrum en moeten we nog een half uur teruglopen. Uiteindelijk kruipen we om 2.00u ons bed in, maar de zon die schijnt nog steeds.

ZONDAG 29 MEI
We werden vroeg op en terwijl Eveline en Wouter gingen douchen, besloten Rogier en ik te gaan hardlopen. Jaaa, als dat geen goed begin is!! Na het ontbijt weer de stad in op zoek naar de hoogtepunten. De wandeling bracht ons langs het Einar Jonsson museum (beeldhouwer van grote abstracte beelden), het Perlan (restaurant annex waterreservoir met mooi uitzicht over de hoofdstad), de Hallgrimskirrkja (moderne kerk met weer een mooi uitzicht) via de Laugavegur (winkelstraat met hippe boetieks en trendy koffiebars naar de oude haven. Vlien en Wouter gingen nog verder de stad verkennen, terwijl ik veel liever puffins (die schattige papegaaiduikers met hun oranje bek) en walvissen wilde spotten. Best prijzig maar voor 95% kans op walvissen, moet het toch waar voor je geld zijn. Het begon heel beloftevol met mooie praatjes van een praatgrage Duitse gids (in het engels) maar uiteindelijk hebbeen we met moeite welgeteld één (!) papegaaiduiker gezien. En dan heb ik nog geluk gehad want Rogier heeft hem niet gezien. Haar mooie verhaal kreeg ineens een staartje à la 'normaal moeten er hier veel meer zitten, maar ze zijn dit jaar nog niet gearriveerd, maar we gaan nu naar de walvissen en die zijn massaal aanwezig blablabla....' Voel je het komen? Inderdaad anderhalfuur lang golven en koude wind getrotseerd (terwijl op het vasteland een stralend zonnetje) scheen en geen walvis gezien. Normaal zou ik daar niet zoveel moeite mee hebben, want het is en blijft natuur. Ik heb het op safari's vaak zelf genoeg gezegd, maar eerst je zo lekker maken en dan met niets thuiskomen, dan maakte het wat moeilijker. Enfin, 3 uur lang op een boot gezeten met heel mooi landschap is geen straf en we hebben een kaartje gekregen dat we nog een keer terug mogen komen. Misschien doen we dat dan nog wel op de voorlaatste dag, dan hebben de puffins ook nog even de tijd om naar hun eiland te komen.
Na een laatste drankje in de stad, pizza's voor de mannen en een salade voor de vrouwen gekocht en die opgewarmd/klaargemaakt in de keuken van het hostel. Vandaag toch maar iets vroeger naar bed gegaan.

MAANDAG 30 MEI
Nadat we onze auto (een Suzuki Gran Vitara) hebben opgehaald, kan het echte avontuur beginnen. Twaalf dagen lang zelf rondrijden over het hele eiland. Eindbestemming van vandaag: Laugarvatn, maar eerst naar Blue Lagoon. Deze highlight doet iedereen aan en wij natuurlijk ook. Prachtig melkblauw water tussen de lavavelden en nog lekker warm ook. Het water komt uit de aarde (240°C) en wordt gebruikt door een geothermische elektriciteitscentrale. Deze gebruikt het warme water en daarna voert het het water af naar dit wellnesscenter. Het water zit boordevol mineralen en schijnt een weldaad voor de huid te zijn. Wij proberen de maskers uit en inderdaad onze gezichten voelen zijdezacht aan. Voor het haar is het iets minder weldadig, want Vlien en ik lopen de rest van de dag met een pluizig Tina Turner kapsel. We rijden verder naar Grindavik, een vissersdorpje, en snel daarna laten we het asfalt achterons en kunnen we pas echt gebruiken maken van onze 4x4. We willen toch graag puffins zien en proberen het nu bij Krysuvikurberg. Een loodrechte rotskust en broedplaats voor vele zeevogels, maar om daar te geraken moeten we eerst 7 kilometer over een klein weggetje (lees diepe geulen, riviertje en heel veel losliggende stenen). We geraken er en besluiten er te picknicken. Mooie plaats met een strakblauwe lucht en zon, maar helaas weer geen puffins. Niet alleen in Nederland en België is het heerlijk warm, ook hier hebben we nog niets gemerkt van het gure weer. Via het kleinste kerkje rijden we verder naar een ander kerkje (strandkerkje of zoiets). Desolaat aan de kust gelegen met elfenhuisjes in de omgeving. Via Selfoss en nog een laatste stop bij een kratermeer komen we aan in de hostel in Laugarvatn. Deze plaats is bekend omwille van zijn stoombaden, maar omdat we vandaag ons thermaal bad al hebben genomen, testen we ze niet uit. Na een heerlijke spaghetti (zelfgemaakt) maken we nog een kleine wandeling rond het meer en plannen we het programma van morgen, natuurlijk met een goed glas rum erbij.

Grimsvötn, houd je koest!

Hoi,

Vorig jaar een vertraging van 8 uur opgelopen door de Eyjafjallajökull. Je weet wel die vulkaan op IJsland. Dit jaar zorgde de Grimsvötn bijna voor roet in het eten. Dit kan je ook letterlijk nemen want schijnbaar ligt heel IJsland nog onder een aslaag. Gelukkig zijn de luchthavens en de ringweg open en gaan we het er toch op wagen.

Morgen om 14 u vliegen we naar Reykjavik. We gaan samen met Eveline en Wouter 14 dagen lang de ringweg rond IJsland onveilig maken in onze stoere 4x4 (althans we hopen dat hij heel stoer is). Op 11 juni nemen onze vrienden het vliegtuig richting Nederland en vliegen wij met z'n tweeën door naar the big apple, New York.

Wij hebben er alvast veel zin in en hopelijk zijn jullie ook dit jaar weer even trouw op post!

Liefs,

Rogier en Kim

Afzien op den Rinjani

DINSDAG 8 JUNI

We ontbijten samen met Loes. Loes is de enigste van de Sawadee groep die gekozen heeft voor de Rinjani trekking. Nadat we ons hebben ingeschreven in het Rinjani Trekking Centre en nog een laatste blik hebben geworpen op de maquette van de vulkaan zijn we klaar om aan het echte werk te beginnen. De eerste dag heb ik goed in mijn kop zitten (2,5 uur tot Pos 1, 1 uur tot Pos 2, weer een uur tot Pos 3 en dan recht omhoog naar de kraterrand in 3,5 uur - in totaal 8uur). Al snel blijkt dat ons tempo iets te snel is voor Loes. Geen probleem, we spreken af dat we op haar wachten en er dan maar een uurtje langer over doen. Maar bij Pos 1 ziet Loes het niet meer zitten. Ze is moe en weet dat ze nog ver moet. We vragen aan de gids of ze het kan halen. Anto lacht beleefd en zegt dan heel verlegen dat we dan om middernacht boven zullen zijn. Loes beslist om terug te gaan. 1 porter gaat met haar mee. We lopen het stuk naar pos 2 in twintig minuten omdat we wat tijd hebben verloren met het herpakken van de bagage. Iedereen is aan het lunchen en wij lopen door naar Pos 3. We zitten nu terug op schema. Na een soto-lunch beginnen we aan de klim. Een hele pittige klim en onderweg krijgen we onze eerste regenbui. We zijn helemaal doornat en dat maakt het klimmen zwaarder en het wordt ook steeds kouder. Na twee uur zien we de kraterrand maar die komt niet echt dichterbij. Het laatste stuk is erg zwaar, maar we halen het. Jammer dat onze porters nog achterzijn met onze bagage. We wachten een twintigtal minuten achter een rots om uit de wind te staan. Rogier zijn handen zien weer lijkbleek en zijn gevoelloos. Ons humeur zakt met de minuut. Nadat onze tent is opgezet, trekken we snel warme kleren aan, maar echt warm zullen we het niet meer krijgen. We eten snel ons diner rond een uur of 19u en kruipen dan in onze slaapzak. Voor het slapengaan maken we nog kennis met een stel Nederlanders die ook in Westerpark wonen (wat is de wereld toch klein) en met Francis, een Fransman die erg geïnteresseerd is in vulkanen. Francis heeft bij dezelfde agent geboekt en loopt de volgende dagen met ons mee omdat hij geen gids heeft genomen, enkel een porter.

WOENSDAG 9 JUNI

Om half drie worden we gewekt. We krijgen een toast, wat crackers en warme thee. Beiden hebben we slecht geslapen. Rogier heeft nog wel wat geslapen, maar ik helemaal niets. We maken ons klaar voor de klim van 4 uur naar de top. Ondertussen horen we de babyvulkaan exploderen. Elk half uur/uur brult hij wel een keer en komt er rook uit. Het geluid lijkt op dat van een rollercoaster in een pretpark. Het eerste uur is steil omhoog en in los zand. Ik schuif vaak omlaag en heb het erg zwaar. Dan komen we aan op een platform en hebben we een mooi uitzicht op de babyvulkaan. Net als we boven komen, brult hij weer en zien we de lava stromen. Geweldig om te zien!! Achteraf blijkt dat we veel geluk hebben, want velen hebben dit niet gezien. Nu gaat het geleidelijker naar omhoog maar het blijft zwaar. Het is minder koud en winderig dan op Kinabalu maar toch nog flink koud. Het losse zand maakt het zwaar (Kinabalu is rots ondergrond - verschil tussen berg en vulkaan). De laatste 200 meter zijn helemaal in vulkanisch as en daar is het echt 3 stappen omhoog, twee omlaag (vergelijk het met een duin op klimmen). Rogier had al een paar keer geklaagd over zere benen en net voor we aan het zware zand moeten beginnen, wil hij niet meer verder. Jammer, maar we besluiten niet meer verder te gaan. We schuilen achter een rots en wachten tot de zon opkomt. Hoewel we helemaal door wolken zijn omgeven, krijgen we toch een mooi kleurenpalet te zien. We zien de Gili-eilanden, een groot stuk van de kustlijn van Lombok, de Gunung Agung op Bali,... Na voldoende foto's te maken, dalen we terug af tot aan de kraterrand. Daar wacht ons een ontbijt van ....jawel, pannenkoeken. Grr! We zijn ze beu, maar we hebben de energie nodig en dus eten we ze maar weer op. We krijgen ook nog ananas. We verkleden ons en maken ons klaar voor de afdaling naar het meer. Ondertussen hebben we al vijf uur gelopen en de afdaling duurt ongeveer 3 uur. Het is een megazware afdaling omdat er niets echt een pad is. Je moet over stenen afdalen en het gaat regelrecht naar beneden. Volledige concentratie is vereist. Over het algemeen zijn het vrij grote treden en daar hebben mijn korte benen het zwaar mee. Eindelijk wordt het wat vlakker en stijgen we zelfs weer wat. Het laatste stuk is door hoog gras en moet je goed opletten waar je loopt. We zijn nog maar net bij het meer of de kleine vulkaan begint weer te brullen en hebben een prachtig zicht vanaf beneden met ervoor het meer. We zijn net te laat voor een foto want het wordt weer bewolkt en ja hoor, daar komt de eerste regenbui van deze dag. Gelukkig is er een shelter waar we kunnen schuilen. Wij hebben geluk want we waren er vlakbij. Andere groepen komen kletsnat aan. Het enthousiasme daalt en het regent maar door. We lunchen en na de regenbui besluiten we de hotspring te skippen en verder te lopen. We hebben nog 4 uur te lopen voor we aan de andere kant van de caldera de kraterrand weer op zijn. Het begint erg mooi langs het meer maar al gauw moeten we steil omhoog en valt de volgende regenbui weer. Het is een mooie toch met prachtige uitzichten op het meer en de vulkaan. Jammer is dat het pad (dat er eigenlijk geen is) wederom de nodige concentratie vereist. De beklimming naar de top en de regen eisen hun tol, want we beginnen moe te geraken en het einde is nog lang niet in zicht. Ondertussen loopt Francis achter ons aan de hele tijd in het Frans te praten en scheten te laten. Aangezien ik de enige ben die het verstaat, verwacht hij van mij een antwoord. Hij is helemaal verzot op vulkanen en moet al zijn verhalen/expedities aanhoren. Hij heeft wel 5 keer verteld dat hij de overgang naar 2000 gevierd heeft op de top van de Stromboli-vulkaan in Italië. Helemaaal bekaf, kletsnat door regen en zweet komen we aan op de kraterrand van Senaru. Hier gaan we slapen vannacht, maar dan blijkt dat onze porters er niet zijn. Anto legt uit dat zij geen tent hebben om in te slapen en alvast doorgelopen zijn naar Pos 3 om daar ons kamp op te zetten. Om ons te sussen zegt hij dat het maar een halfuurtje meer lopen is. Het zonnetje komt even piepen en Kim haar humeur is weer een stuk beter. We besluiten door te lopen, maar al gauw begint het weer te regenen. Ondertussen is Francis slecht gezind want hij wou de vulkaan in de ochtend zien vanaf de kraterrand en dat kan nu niet meer. Ik kan zijn gezeik niet meer aan en blijf achter. Na drie kwartier zien we een shelter. Dikke pech voor ons want het is Pos Extra en dus niet Pos drie. Uiteindelijk blijkt het nog eens een uur tussen Pos Extra en Pos drie te zijn. Waarschijnlijk kan het sneller maar ik kon niet meer. Mijn benen stonden te trillen, mijn hoofd gloeide, mijn lichaam ijskoud en moest ik ook nog overgeven. Helemaal op. Bij het kamp aangekomen in het donker stond onze tent al klaar. Rogier helpt me omkleden en ik kan alleen maar huilen. Tranen kwamen gewoon vanzelf. Wou niet eten, maar toch maar een paar happen witte rijst naar binnen gewerkt. De eerste twee uur niet in slaap kunnen geraken omdat mijn voeten en knieën veel te veel pijn deden, maar daarna een redelijk goede nacht gehad.

DONDERDAG 10 JUNI

We worden wakker om half zeven en we voelen ons een stuk beter. Mijn knieën doen goed zeer, maar ik krijg van Anto een stok voor de afdaling. Voor ontbijt krijgen we: toast, frieten (!!) en natuurlijk weer een pannenkoek (die we dit keer toch maar niet helemaal opeten) Om acht uur beginnen we aan de 5 uur durende afdaling. Senaru ligt 1000 meter lager dan Sembalun en dus moeten we die extra afdalen. Het is een mooie tocht door het bos. Er zitten flinke afdalingen bij, maar meestal gaat het best geleidelijk aan. De verschillende posten liggen telkens ongeveer 1,5 km uit elkaar en dat geeft voldoende rust. Daar is dan eindelijk de uit/ingang van het park. Helemaal blij kopen we een flesje cola en lopen we het laatste uurtje naar het dorp. Jammer genoeg is er geen bemo of dergelijke en dat maakt dat we na het uitschrijven met onze volledige rugzakken nog verder moeten lopen op zoek naar transport. Na twintig minuutjes wil een vent ons wel meenemen naar Senggigi voor 200.000 rupiah per persoon. Nooit geven ze het op om toch maar wat extra uit je te slaan. We melden hem dat we maximum 100.00 in totaal willen geven en anders wel doorlopen. Hij denkt namelijk dat we het niet menen, maar als we effectief beginnen door te lopen, roept hij ons na dat het toch OK is. Gelukkig want ons partijtje bluf liep bijna niet goed af. Achteraf gezien was het nog een flink eind lopen naar de eerste bemo. We worden in een auto gedropt bij 2 Engelsen die toch al naar Senggigi moesten (en hij dus nog wat extra's aan ons kan verdienen). De rit blijkt toch een anderhalf uur te duren. Het is een mooie rit langs de noordelijke baaien van Lombok. In Senggigi checken we in bij hotel Elen. Een simpel hotel maar helpen ons wel met de was en ik krijg zelfs nog een emmer warm water voor mijn voeten. We boeken ook een ticket voor de boot naar de Gili's morgen. In het hotel ontmoeten we nog enkele mensen die ook de Rinjani willen beklimmen. We geven hen onze handschoenen (vergeten aan de porters te geven) en wensen hen veel succes. Ze zullen het zwaar hebben want hebben geen warme en regenkledij bij hun en lopen op sneakers.

VRIJDAG 11 JUNI

We hebben niet echt goed geslapen, maar we gaan nu naar Gili Air dus slaap zullen we daar wel inhalen. We gaan eerst met een busje naar Bhangsal en daar begint het gezever. Een vent komt naar ons busje en zegt dat we hem moeten volgen. Als een bende stomme kiekens doen we dat ook (terwijl de Lonely planet je er nog zo voor waarschuwt). Rogier gaat het kantoortje binnen en vijf minuten later komt hij boos buiten (Rogier boos? Inderdaad het komt zelden voor, maar hen is het gelukt). Blijkbaar is het een grote scam en willen ze je gewoon tickets verkopen. We trappen het af en lopen zelf naar de haven. Daar krijgen we een ticket voor de boot en een plek in de boot toegewezen. Enkel wanneer de boot stampvol is, vertrekt hij. We hebben veel minder goede verhalen gehoord op Gili Trawangan: party-eiland, ... Gili Meno is echt niet veel te zien, maar Gili Air zou wel de moeite zijn met veel lokale bevolking en een relaxte sfeer (en dus zijn we toch gegaan Daan). Gili Air is een klein eilandje zonder gemotoriseerd vervoer. Je ziet er enkel fietsen en af en toe een paard met kar. We gaan eerst een drankje doen en laten onze bagage achter in de bar. Zo kunnen we rustig verschillende accommodaties bekijken. We beginnen bij de sunset-kant, maar daar is het wel zo doodstil dat we snel naar de andere kant gaan. Hier zitten wel een paar leuke plekken, maar bij de haven zat een 'resort' met mooie bungalows die nu een laag seizoenprijs hadden. Rogier ziet een goed bed wel zitten en we besluiten voor Villa Karang te gaan. Jammer voor ons, maar goed voor eiland is dat de douche hier met zout water zijn en ook het zwembad. Zoet water is hier kostbaar en komt vanaf Lombok met de boot, dan maar douchen met een soort van gefilterd zout water. We hangen bij het zwembad, kijken naar de zonsondergang en genieten van een overheerlijke visbarbecue bij Scallywags. Daarna breekt de echte gekte los: iedereen spreekt er al weken over en vandaag is het zover. Het WK voetbal begint en hoewel Indonesie niet meedoet, heeft iedereen er hier een mening over. In de bar waar we zitten, blijken ze niet over het juiste kanaal te beschikken. Via via horen we dat er in het internetcafé wel voetbal is. Daar blijken alle lokale jongens zich verzameld te hebben. Geweldige beleving! Bij elke bal richting een doel wordt er geschreeuwd, hebben ze de grootste lol en wij dus ook.

ZATERDAG 12 JUNI

Vandaag is de heilige 'doe-niets-dag'. We huren een snorkel voor Rogier en gaan weer naar Scallywags. Zij hebben namelijk het lekkerste eten en sapjes, maar ook de beste ligzetels en grote handdoeken. Rogier is de meeste actieve van ons beide want hij gaat nog snorkelen. We lezen een boekje, zwemmen wat (of in mijn geval maak me even nat), vallen in slaap en dan lezen, plonsen, dutten en gaan zo maar door totdat het tijd voor de lunch en daarna gaan we weer door met ons ritueel. Om een uur of twee kruipt de zon achter de wolken en valt er zelfs een druppel of tien. We besluiten op te krassen en informeren bij de duikshop naar hun plannen voor morgen. Rogier heeft nog steeds nog last van zijn verkoudheid en is nog niet helemaal zeker of hij wel zal gaan. We schrijven toch almaar vast in en gaan richting zwembad. Na het douchen schrijven we eindelijk onze postkaartjes (dus dat zal nog wel even duren). We eten bij een tentje vlak bij ons hotel en maken kennis met Lisa. Een Engelse die drie maanden aan het reizen is. Ze is naar Nepal en Indonesië geweest. Gezellig avondje!

ZONDAG 13 JUNI

Rogier besluit de eerste duik niet mee te gaan. Deze duik (Shark Point) gaat ook wat dieper en hij wil het liever wat rustiger aan doen. Lisa vertelde gisteren waar je mooi kan snorkelen en zelfs schildpadden kan zien, dus Rogier gaat op onderzoek. Ik ga wel mee en duik samen met een oudere Duitser Ben en de duikinstructrice natuurlijk. Zij had er duidelijk niet veel zin. Blijkbaar zit ze altijd op Gili Trawangan (het party eiland) maar kreeg ze een aanbod en Gili Air wat ze heeft aangenomen maar niet echt van harte. De sfeer is helemaal anders dan bij Reefseekers in Labuanbajo. De prijzen zijn ongeveer hetzelfde en dat terwijl bij Labuanbajo lunch, drinken en veel mooiere duiken inbegrepen waren. Het was een leuke duik met veel schildpadden maar niet zo spectaculair als Komodo National Park. We hebben ruim te tijd om te lunchen alvorens de namiddagduik en dat doen we natuurlijk weer bij Scallywags. Tijdens de namiddagduik (Frogfish point) zijn we met vier duikers. Rogier gaat ook mee, maar al snel blijkt er iets fout te zijn met z'n tank en neemt een andere duikinstructeur hem apart. Mooie duik, maar niet spectaculair, we zien een bearded scorpionfish en een mooie frogfish. Na het duiken gaan we nog even naar het zwembad. We lunchen bij een ander tentje en onderweg komen we Lisa weer tegen. Rogier gaat slapen en ik blijf nog even bij haar hangen.

MAANDAG 14 JUNI

Onze laatste echt reisdag! We gaan naar Ubud in Bali en om daar te geraken nemen we eerst de island hopper naar Gili Trawangan. Daar moeten we twee uur wachten op de snelle boot die ons naar Bali zal brengen. We hebben afgesproken met Andy. Hij heeft in het begin een hele tijd met ons gereisd en we zijn benieuwd naar zijn Rinjani-verhaal. Hij vliegt donderdag ook via KL dus kans groot dat we hem daar weer zullen ontmoetten. De snelle boot doet er ongeveer anderhalf uur over. In Padangbai (de haven in Bali) worden we in verschillende busjes gestoken afhankelijk van je bestemming. We checken in bij een homestay. Dit is een familie die in hun tuin enkele bungalows hebben staan voor de toeristen. Ruime kamers voor weinig geld. We droppen onze spullen en gaan de stad verkennen. Ubud is een mix van de schoonheid van Luang Prabang (Laos) en shoppingparadise Chiang Mai (Thailand), althans dat vind ik. Rogier laat zijn haren knippen, we posten onze kaartjes en gaan dan op zoek naar een televisie. Het belangrijkste moment van de dag komt dichterbij. De hele dag heb ik al verschillende liedjes moeten aanhoren, maar 'We zijn er weer bij en dat is prima....' blijft z'n favoriet (en ik kan het niet meer horen). We vinden een bar die er wel heel oranje uitziet, eten eerst wat en nemen dan plaats aan den toog. De barman krijgt van een toerist een cd toegestopt met Hollandse hits en na enkele seconden staat de tent op z'n kop (en de match moet nog beginnen). Bescheidenheid is Nederlanders dan toch vreemd op zo'n moment (althans diegene die er toen in mijn omgeving waren). Waarschijnlijk hebben jullie allemaal de wedstrijd gezien, dus laat ik daar maar geen mening overgeven (zou ons lezers kunnen kosten ;-) ). Iedereen gelukkig dat Nederland won en ik ben helaas nog niet van het gezang af. We blijven nog hangen en zien ook nog de eerste helft van Japan-Kameroen en vijf Japanners helemaal gek worden.

DINDSDAG 15 JUNI

We wilden nog zoveel doen vandaag: een toer over het eiland, scooter huren, kookles, ... maar we hebben nergens zin in. We zijn moe en voldaan! Beiden zijn we klaar om naar huis te gaan. Ubud is echt mooi, maar we hebben er geen zin meer in. Vreselijk jammer om het te moeten zeggen. We hebben de tijd niet om Bali fatsoenlijk te bekijken en dat moeten we dan later maar een keer doen. Sulawesi en Irianjaya (West-Papua) staan ook nog op ons lijstje. Na het ontbijt gaan we wel naar het Monkey forest. We wilden naar de tempel maar die blijkt gesloten te zijn. De meeste mensen komen naar hier om de apen te voederen met bananen en er lopen er hier heel veel rond. Via een website (www.actiefindetropen.nl) lopen we mooie wandeling door de rijstvelden. We komen langs een boer en krijgen ook spontaan een banaan (???). Na de wandeling lopen we door de winkelstraat op zoek naar souvenirs naar het paleis van Ubud. Hoewel hier echt alles te koop is, vinden we geen leuke souvenirs. Na het bezoek aan het paleis kopen we wel een lelijk geschilderd ei met wat tekening van Bali erop. We kopen vanaf nu namelijk op elke plaats een kerstbal of iets dat erop trekt en zo hebben we binnen een paar jaar de meest vreselijke kitschboom met een berg herinneringen. Vandaag geen voetbal want we kruipen vroeg in ons bed vandaag.

WOENSDAG 16 JUNI

We nemen de bus om half elf naar een hotel vlakbij de luchthaven. We kregen de tip van Andy en dan hoeven we niet in Kuta te slapen. Stel dat we ons toch in het nachtleven gaan smijten en niet op tijd wakker zijn voor onze vlucht (vorig jaar onze boot naar Khao Sok NP). We komen nog wel een keer terug en dan mag Rogier alsnog bikini-judge zijn. Ian en Sue (met wie we samen waren in Kuta Lombok) waren in een club geweest met een strawberry daiquiri happy hour en ze moesten een lintje om waarop stond dat ze bikini judges waren. De rest laat zich wel raden, zekers! Klonk Rogier als muziek in de oren. Helaas hebben we toch transit hotel gekozen. Na de lunch nog wat aan het zwembad gelegen, de blog verder afgewerkt en spelletjes gespeeld. We hebben een geweldige vakantie gehad en zijn klaar voor de zomer in Nederland en België. Ik hoop velen van jullie zaterdag te zien en anders heel snel.

DONDERDAG 17 JUNI

Schema voor vandaag: om tien uur worden we naar de luchthaven gebracht. We vliegen pas om 12.50 naar Kuala Lumpur, maar we verwachten nog een berg problemen bij de douane omdat ons visum vervallen is. In Kuala Lumpur moeten we zeven uur wachten voor onze vlucht naar Amsterdam. We landen in Amsterdam op vrijdag 18 juni om 06.35u (iets te vroeg voor je, he Miranda).

Bedankt allemaal voor het volgen van onze blog en jullie reacties!! Tot volgende keer!

Liefs,

Rogier en Kim

Duiken, snorkelen en relaxen

VRIJDAG 28 MEI
Om 6.30u staan we helemaal klaar langs de kant van de weg voor ons hotel om de bus naar Labuanbajo te nemen. Zoals gewoonlijk stoppen er heel veel mensen om te vragen waar we naartoe gaan. Zij brengen ons dan wel tot daar of naar de busterminal. Vriendelijk slaan we elk aanbod af, maar dan stopt er voor de tweede keer dezelfde auto. Ze stappen uit en proberen ons uit te leggen dat we voor dezelfde prijs als de bus met hen mogen meerijden. Ik vraag even aan de dame van het hotel of het geen probleem geeft voor de bus omdat we die gereserveerd hadden. No problem sir (man of vrouw maakt niet uit, iedereen wordt sir of mister genoemd), snel probeert ze de prijs voor de autorit nog te verhogen omdat ze merkt dat ze maar dezelfde prijs als de bus vragen. Die vlieger gaat niet op en de jongens willen ons graag meehebben, want anders verdienen ze niets. Ze hebben een toertje met toeristen maar die moeten ze ophalen in Labuanbajo. Mooi voor ons want in zo'n 4WD zit je een stuk comfortabeler en dit keer was de hele achterbank en koffer enkel voor ons en onze spullen. Aardige, jonge gasten die ook nog eens elke keer wilden stoppen als Rogier een foto wilde maken. Krijg maar eens uitgelegd aan een buschauffeur of hij even kan stoppen omdat je graag een foto wil maken van het landschap. We stoppen verschillende keren want het landschap is weer niet normaal mooi. Vlakbij Bajawa is er een prachtige vulkaan die deze ochtend niet in de wolken zit, daarna komt een mooie baai voorbij, we rijden langs lokale arak-stokerijen om daarna weer de bergen in te gaan. Bij Ruteng zitten we op een soort van plateau met prachtige spinnenwebachtige rijstvelden. We weten niet waar eerst kijken. Als ik halverwege de rit vertel dat ik naar de toilet moet, stoppen ze bij een stenen huis en vragen ze of ik eventueel naar de wc mag. We kopen mandarijnen en koekjes en delen die met onze nieuwe vrienden. De bijrijder is helemaal weg van mijn iPhone en toont vol trots zijn nieuwe Nokia (het laatste nieuwe modelletje by the way). Ondertussen maakt hij nog een dertigtal foto's van ons en hem met de iPhone. Om 14u komen we aan in Labuanbajo en checken we in in het Gardena hotel. Andy (die vanuit Ruteng de bus had genomen) bleek maar een halfuur voor ons te zijn aangekomen. Na wat communicatieproblemen over wel of geen kamers vrij, kregen we toch een kamer. De bungalows liggen op een helling zodat je een mooi uitzicht hebt over de baai. Hier vermaken we ons wel de volgende dagen. Graham (de Engelse leerkracht die in PNG woont) is er ook en we praten weer even bij. Na de lunch verkennen we nog even het dorpje en gaan op zoek naar een ATM. We hebben ons ingeschreven voor de Perama boot die 1 juni vertrek en op 3 juni aankomt in de haven van Lombok. Hiermee besluiten we om niet naar Sumbawa te gaan. We horen niet veel positieve verhalen en kiezen voor meer tijd op Lombok. ‘s Avonds eten we bij The Lounge omdat er wifi is en dat hebben jullie gemerkt omdat ein-de-lijk ons eerste verslag online kwam, maar ook omdat ze pizza en spaghetti hebben.

ZATERDAG 29 MEI
Vandaag een dagje niets doen. We slapen tot 7 uur (je wordt hier vroeg wakker, want het wordt snel warm én de imam lijkt naast ons bed te staan) en gaan ontbijten. Ontbijt is bij de meeste accommodaties inbegrepen en het stelt dus ook niet veel voor. Koffie of thee en 1 zoet broodje. We hebben een leuke veranda aan onze bungalow en Rogier leest zijn boek uit (nog steeds weet hij niet of hij het al gelezen had of niet). Vervolgens even naar een internetcafé omdat we problemen hebben met onze foto's. Blijkbaar hadden we ze opgeslagen in 'verborgen folders' en zag ons pc'tje ze daarom niet. Misschien gaan we morgen duiken dus daar ook even naar informeren. Een reisbegeleidster van Sawadee werkt hier en ze had gezegd dat we bij haar moesten langskomen. Christa was er niet want ze is op een 3-daagse duiktrip. Jammer, dan maar een andere organisatie. Na al dat geregel was het hoogtijd om echt te beginnen met het niets doen. We nemen een ojek naar de strand aan de andere kant van de baai. Het publieke strand heeft niet echt een strand, dan maar even kijken bij het luxehotel. We vragen aan de poolboy of we gebruik mogen maken van de strandzetels. Geen probleem want er zijn toch geen andere gasten. Zalig namiddagen niets doen. En daar lees ik mijn boek uit (leestip: Winter in Madrid - C.J. Sansoms). We lopen nog wat rond in het dorpje, nemen een late lunch van kipsate's (de pindasaus smaakt steeds beter, misschien ga ik het straks nog lekker vinden) en keren dan terug om te gaan douchen en foto's uit te kiezen voor de blog.

ZONDAG 30 MEI
Komodo Nationaal Park is niet alleen bekend voor de Komodo-varanen (dragons) maar ook voor de ongelooflijke onderwaterwereld. Sommige van de divesites behoren tot de beste van de wereld. Vooral mantarays worden hier vaak gezien en die willen wij ook wel eens graag zien. Er is een bepaalde duikplaats die mantapunt heet, maar daar was de duikplek gisteren al geweest en dus kiezen ze voor vandaag andere sites. Voor ons maakt het niet uit, want wij vinden veel dingen mooi. Jammer aan deze plaats is dat het geen gemakkelijke duikplaatsen zijn omdat er veel stroming is. Reefseekers (de duikclub waarmee wij gingen) probeert altijd divesites te vinden met minder stroming. Maar dat kan niet altijd en stroming wisselt hier snel. Dat merken we al tijdens onze eerste duik, White Sands. Mooie duik met white tipped reef sharks, hawkesbill turtle, lionfish, scorpionfish, .... en een close encounter met een manta ray!! Geweldige grote beesten zijn dat. Ook de tweede duik was indrukwekkend: trumpetfish, juvenile batfish, ribbon eel en vissen in alle kleuren van de regenboog. Het park zelf bestaat uit verschillende bewoonde en onbewoonde kleine eilandjes. Terug in de haven gaan we naar ons hotel om te douchen en dan tijd voor een visje op de bbq.

PS: Inès: ik heb aan je gedacht maar had geen internet, maar hopelijk had je een leuke dag en alsnog gefeliciteerd!!

MAANDAG 31 MEI
Duiken was zo goed bevallen dat we vandaag weer gingen. Gisteren zagen we trouwens nog spindolphins met onze boot meezwemmen. Vandaag hadden we wat minder geluk, want onze boot van gisteren had panne en ze moesten een andere boot halen. Met enige vertraging vertrokken, maar het was weer een schitterende dag; We hebben trouwens voor het eerst een muck dive gedaan. Dit is een duik waar er minder koraal is, meer zand en waar je dan in mag spelen op zoek naar klein grut. Superleuk om zelf actief op zoek te gaan en we hebben leuke dingen gezien: nudibranches, cleanershrimps, little ionisch, ... maar ook hele grote cuttlefish (inktvis). We hebben ook duidelijk gemerkt hoe snel de stroming hier kan wisselen. Onze duikinstructrice van vandaag was Petra uit Lier. We doken samen met een Duits koppel en zij gingen voor de eerste duik vissen identificeren. Tof, want nu konden wij ook meedoen en kregen we tips waar we op moesten letten. Kortom, weeral een geslaagde dag. Na een deugddoend pintje zijn we terug naar hetzelfde restaurant van gisteren geweest. Rogier zijn visje zag er zo lekker uit, dat ik dat vandaag ook wilde proberen.

PS: Papa, ook aan jou hebben we vandaag gedacht. Gelukkige verjaardag!!

DINSDAG 1 JUNI
Hoewel we erg graag wilden, hebben we besloten om vandaag toch niet weer te gaan duiken. Rogier heeft een verkoudheid en we moeten vanavond op tijd bij de Perama-boot zijn. Die boot brengt ons naar Lombok in drie dagen. Dat maakt dat we niet veel doen vandaag: wat boodschappen, boekje lezen en nog maar eens geld pinnen want met al dat duiken vliegen de miljoenen buiten. Om half zes melden we ons bij het kantoor van Perama. Zij nemen ons mee naar de boot. Elf nieuwe mensen gaan aan boord en zes mensen doen het hele rondje. We zijn dus met zeventien en dat is lekker rustig op een boot waar maximale aantal passagiers 40 is. Waar ze al die mensen steken, blijft ons een groot raadsel want zo groot is de boot nu ook weer niet. Vanavond is er een welkomst/afscheidsfeest voor iedereen. De sfeer zit er al snel goed in want de arak vloeit rijkelijk. Twee Fransen en Rudi, de gekke Duitser besloten om van de masten te gaan springen. Hilarisch! Om twaalf uur is het feestje over en kruipen we in onze kajuit. Misschien is hok een beter woord want menig bezemkast is groter. We hebben wel een goeie matras.

WOENSDAG 2 JUNI
Niemand van de nieuwelingen heeft een goede nacht gehad. We zijn het nog niet echt gewend waarschijnlijk. Vannacht is de boot beginnen varen naar Rinca eiland. Na het ontbijt gaan we aan wal en maken we eindelijk kennis met de prehistorische Komodo dragons. De eerste liggen lekker languit bij de keuken. Het zijn echt grote beesten, buiten proportie en als je dan ook nog verhalen hoort dat ze geiten in één keer kunnen doorslikken, dan doe je toch al snel een stap achteruit. We maken een wandeling van twee uur over het eiland en zien nog maar dragons ons pad kruisen, buffels in de modder en boskalkoenen. Het eiland zelf is weer fantastisch mooi: vergezichten met kleine eilandjes en een turkooizen zee , palmbomen, grasland,... We varen verder doorheen het Nationale park en na de lunch stoppen we bij een mooie baai om te snorkelen. Veel gekleurde vissen, koraal wat minder maar het blijft leuk om te doen. Rogier geeft niet op, ik wel want krijg teveel last van prikkels omwille van het plankton en kwallen. Op de boot krijgen we een prachtige zonsondergang te zien. We hebben veel tijd om met iedereen kennis te maken en wat blijkt: de Vlamingen zijn in de meerderheid (nog nooit meegemaakt). Er zijn namelijk 5 Belgen op de boot (een koppel uit Gent dat 9 maanden aan het reizen is en een koppel uit Beveren). Verder zijn er 3 Zwitsers (waarvan 1 natuurlijk Andy is), Rudi de gekker Duitser, een Iers-Italiaanse koppel (Ian en Susanna), een Australische, een Canadees, een raar Tsjechisch koppel (hij loopt de hele dag in zijn speedo rond en drinkt al bij het ontbijt Bintang), een Japanse die niets zegt en voor deze ene keer maar 1 Nederlander (maar wel de allerliefste ;-) ). Vandaag ligt iedereen al om 21 uur in bed.

DONDERDAG 3 JUNI
Om half zeven worden we gewekt voor het ontbijt. Dit keer heeft iedereen zalig geslapen. Vandaag maken we een wandeling op het eiland Moyo bij Sumbawa en gaan we op zoek naar een waterval. Heerlijk koel zoet water! Na lunch stoppen we weer bij een plaats om te snorkelen bij een klein eilandje. Het is een onbewoond eiland dat je in 5 minuten kan rondlopen. Snorkelen was weer erg mooi. Rond 19 u komen we aan in de haven van Lombok. Hier staat een bus op ons te wachten die ons naar Mataram of Sengigi zal brengen. Het was echt een superleuke boottocht. Alles goed geregeld! We nemen afscheid van de crew. Gekke Rudi, Ian, Susanna en wij willen echter niet naar Mataram of Sengigi (in het westen van Lombok), wij willen naar Kuta Lombok. Naar het schijnt zijn hier de mooiste stranden en baaien én zijn die nog niet ingenomen door grote hotels en resorts. Dat willen wij nog meemaken. Helaas is het al donker en rijden er geen bussen meer. Als we er vandaag nog willen geraken, moeten we een auto charteren voor 500.000. We hebben niet echt veel keus en dus nemen we die auto. We rijden tot halverwege met de bus mee en stappen dan over. We liggen in een deuk om de wagen problemen heeft met het gewicht van de tassen. Na drie keer stoppen om het gewicht beter te verdelen zijn we onderweg. Het wordt een ritje tegen de tijd want we hebben een hostel gevonden alleen moeten we er dan wel zijn voor 22 uur. En....... dat halen we. Raar genoeg zijn alle winkels, cafés en dergelijke al gesloten. Een jongen van het hostel neemt ons mee naar een klein winkeltje waar we nog een paar Bintangs kunnen kopen. Zo hebben we weer een mooie afsluiter van de dag.

VRIJDAG 4 JUNI
We hebben trouwens een prachtig ruime kamer voor de gemiddelde prijs die we gewend zijn te betalen. Zalig zo'n kamer waar je even je hele tas kan omgooien. Na het ontbijt (geen pannenkoek meer voor ons!!) gaan we op verkenning. Honderd sarong- en armbandenverkoopsters te zien maar geen toeristen. We zijn de enigste toeristen. Dat komt omdat de toeristen die hier zijn, zijn aan het surfen. Daarvoor staat deze plaats namelijk bekend. Omdat we al snel het hele dorpje gezien hebben, besluiten we een brommer te huren. We rijden naar westen en verkennen de kustlijn. Hier ligt de ene mooie baai na de andere. Denk aan ruige rotsen, turkooisblauw en hagelwit zand. Zie je het voor je? En dan nu knippen en plakken want er liggen er hier verschillende naast elkaar. Onbeschrijfelijk!! We rijden ook nog naar een uitzichtpunt op een berg (waar we een kokosnoot krijgen aangeboden). We genieten.... van de omgeving, van de kokosnoot, de natuur, van elkaar.
We rijden verder tot een klein vissersdorpje waar we lunchen en bij het terugrijden stoppen we bij het mooiste strand voor een duik in het water. Kuta Lombok is duidelijk een stuk mooier dan Kuta Bali.
Bij het hotel zwemmen we nog even in het zwembad samen met Ian en Susanna. Met ons clubje hebben we afgesproken op ‘s avonds te gaan eten bij Lombok Lounge. Volgens één van de schrijvers van de Lonely Planet hebben ze hier ontzettend lekker chilly crab. Helaas is de prijs van de krab verdriedubbelt in een paar maanden tijd en blijft het bij kijken naar de krab. We bestellen een stuk gegrilde vis en daar hebben we absoluut geen spijt van. Het komt zeker in ons lijstje 'beste vis ooit gegeten' (het restaurant op de parkinggarage in Kuching staat ook in die lijst - dus Sjaak als je er bent in september, niet overslaan, he!). Rudy had nog een kampvuur met rijstwijn op het strand geregeld. De arak van Flores is duidelijk lekkerder dan de rijstwijn van Lombok. Alle jongens die ons vandaag hebben lastig gevallen om een t-shirt/brommer/auto/... te verkopen, zijn er. Gelukkig hebben ze wel hun verkoopspullen ergens achter gelaten. Erg gezellig, maar rond elf uur zijn we te moe en gaan we slapen. Rudi houdt het nog vol tot een uur of vijf en moet dan over het hek kruipen om bij zijn kamer te geraken.

ZATERDAG 5 JUNI
We besluiten om vandaag weer een brommer te huren en nu de andere kant op te gaan. De weg is zeer slecht maar we bereiken heelhuids Mawun. Dit is een prachtige baai met een grote boom op te strand. Sommige mensen zijn aan het surfen en er is ook een bus met leerkrachten die een uitje hebben. Zij willen natuurlijk weer allemaal op de foto met ons. We blijven nog wat hangen om te zwemmen, maar de wind wordt net iets te fel, we zitten onder het zand en besluiten om rustig terug te rijden. Onderweg stoppen we nog om wat foto's te maken, komen gekke Rudi met zijn privé bemo tegen en mensen die op de tabaksvelden werken. Terug in Kuta aangekomen, lunchen we en besluiten we om nog even naar een Sasak dorp te rijden. De Sasak zijn de originele inwoners van Lombok. We brengen een bezoek aan Sade, maar jammer genoeg staan ook hier weer alle armbandjes-verkoopsters. Bij ons hotel aangekomen gaan Rogier en Ian nog even samen op zoek naar een boek voor Ian. Daarna nog wat zwemmen, lezen en weeral eten. We gaan dit keer met z'n vieren want Rudi is nergens te bekennen. Op straat komen we hem tegen. Hij is moe (wat wil je als je tot 5u op het strand ligt en dan vanaf 8.30 met een bemo de hele streek gaat verkennen), gaat even douchen, maar komt toch nog naar het grote lokale feest. Blijkbaar is er een groot feest voor alle Sasak mensen waar ze traditionele muziek draaien. We gaan eerst eten en besluiten om in hetzelfde tentje te gaan eten als waar we geluncht hebben. Blijkt dat ze ineens alle prijzen zwaar verhoogd hebben. We vragen hoe dat komt en de ober meldt ons dat we nog oude prijs krijgen als we onze mond maar houden. Gelukkig want sommige prijzen zijn wel verdubbeld. Bij het feestterrein aangekomen is er nog geen muziek te horen, wel een gebrul van honderd brommertjes en zijn er ongeveer vierhonderd mensen. Na een uurtje begint er eindelijk toch wat muziek te komen, maar aangezien we morgenvroeg naar Sembalun willen vertrekken, besluiten we om te gaan slapen. We nemen afscheid van onze reisgenoten, pakken onze tassen in en kruipen in bed.

ZONDAG 6 JUNI
We zijn wakker nog voor de wekker (6.15u). Vandaag gaan we naar Sembalun aan de voet van de Rinjani. De meeste mensen nemen privé vervoer maar dat was ons toch net iets te duur (40 euro per persoon) én volgens mij moet het prima kunnen met openbaar vervoer (en dat zie ik dan wel aan als een uitdaging). Na wat tegensputteren gaat Rogier akkoord en staan we om 7.15u op straat te wachten tot de eerste bemo komt. Al snel horen we dat we beter iets verder (1 km) gaan staan omdat we daar meer kans hebben. Nog voor we op het kruispunt zijn, hebben we al een bemo naar Praya. Stap 1 ging dus ontzettend vlug en we zitten comfortabel want het busje is halfleeg. In Praya gaat het even fout omdat we op het verkeerde kruispunt gedropt werden, we nog moesten pinnen en tientallen mannen ons proberen in hun busje te lokken. Als een engel uit de hemel komt er een dame die ons meeneemt naar haar schooltje. De kinderen krijgen Engelse les en wat is er dan beter dan een paar toeristen? We krijgen thee en water. Terwijl Rogier rustig een ATM zoekt, praat ik wat met de kinderen. Ontzettend aardige dame! Ze werkte eerst voor het Novotel in Kuta Lombok, maar door de bomaanslagen in Kuta Bali in 2002 werd ze ontslagen omdat de toeristen wegbleven. Met iedereen die je spreekt, merk je dat het 10 jaar geleden veel beter was en er veel meer toeristen waren. Er waren/zijn zelfs plannen om van Kuta Lombok een tweede Nusa Dua (populaire plaats in Bali met chique hotels) te maken door een sjeik uit Dubai, maar voor zover wij konden zien, liggen die plannen even stil. Gelukkig maar want Kuta Lombok is prachtig en betaalbaar zoals het nu is. Ik zou zeggen: Allen daarheen voor het te laat is. Maar we hebben nog een hele weg af te leggen en we besluiten dus weer op pad te gaan. Dit keer gaat het wel goed en hebben we onmiddellijk een bemo naar Kopang. Ook in Kopang gaat de overstap vlotjes. In Aikmel is het weer wat lastiger. We worden achtervolgd door een groep jongens die beweren dat er geen bemo's rijden naar Sembalun, maar dat zij ons brengen voor 50.000 rupiah per persoon (= 5 euro). We wandelen verder en als snel blijkt dat het waarschijnlijk wel eens zou kunnen kloppen. Ondertussen zijn de jongens gezakt tot 20.000 rupiah per persoon (=2 euro) en gaan we akkoord. We dachten dat we de hele dag nodig zouden om in Sembalun te geraken maar om 12.30 zijn we er. In plaats van 40 euro pp hebben we nu 5 euro pp betaald en nog een vriendelijke dame ontmoet, hanengevechten gezien op de busterminal van Kopang en genoten van de vele rijstvelden tijdens de klim naar Sembalun. Semabalun ligt op een plateau omgeven door bergen en het is er prachtig weer. De top van de Rinjani kunnen we niet zien omdat hij in de wolken zit. We checken in in Lembah Rinjani waar morgen ook Loes van de Sawadee groep zal aankomen. We maken in het dorpje al snel kennis met Nellie. Zij organiseert trekkings en brengt ons naar een restaurantje. Blijkbaar heerst hier al een felle WK-koorts want iedereen heeft het over Afrika. We luieren nog wat op het domein en doen eigenlijk niet veel meer dan boekje lezen en kaarten.

MAANDAG 7 JUNI
Martin,, de reisbegeleider van de Sawadee-groep, belt en meldt dat we inderdaad morgen gaan klimmen. Wij waren daar ook zeker van alleen beweerde hij gisteren dat we pas op 9 juni zouden klimmen.Dat zou niet goed uitkomen omdat er hier in Sembalun nu ook weer niet zoveel te beleven valt. Vandaag doen we helemaal niets of toch (blog bijwerken, boek uitlezen, wassen, pakken,...) Deze nammiddag krijgen we nog een briefing en dan gaat het morgen beginnen. Ik heb schrik want heb zoveel nare verhalen onderweg gehoord. Ben bang dat ik het niet zal kunnen, maar ja, meer dan ons best kunnen we niet doen. Enfin, we laten zo snel mogelijk weten hoe het was.

Het heeft effe geduurd... maar dan heb je ook wat

MAANDAG 17 MEI

Yoehoe!! Eindelijk vertrekken we op vakantie. Weken, zelfs maanden naar uitgekeken en nu is het zover. We hadden om 7u de wekker gezet zodat we zeker om 9u konden vertrekken naar Schiphol. Ik stond nog maar net onder de douche toen het bericht kwam dat we teletekst moesten opzetten. Alle vluchten tot 14u gecancelled omdat de IJslandse vulkaan weer even van zich liet horen. Kort daarna kregen we te horen om toch naar Schiphol te gaan omdat de vlucht gepland stond voor 15u. Iedereen stond om 14.30u klaar bij de gate om te vertrekken, alleen mochten we het vliegtuig niet in. Er werd gevraagd om 20 minuten te wachten en toen nog een keer en nog een keer en tot slot mochten we eindelijk boarden. Zit net iedereen op z'n plaats of de kapitein vraagt of we 20 minuten kunnen wachten want er zijn problemen met de remmen. Na 20 minuten komt het bericht dat we nog anderhalf uur moeten wachten want de remmen zijn blijkbaar flink kapot. We zouden pas om 8 uur vertrekken, wat we ook gedaan hebben. Gelukkig was het vliegtuig niet vol en hadden we drie stoelen ter onzer beschikking.

DINSDAG 18 MEI
Rond half twee geland in Kuala Lumpur. Er stonden verschillende mensen klaar om ons te helpen met de overstap. Wij kregen een lunchvoucher en twee vliegtickets: met Malaysian Airlines naar Jakarta en met Garuda Airlines naar Yogjakarta. Na het lange wachten en het snel rennen - want we moesten ook nog een visum en onze bagage ophalen - kwamen we rond 21u aan in Yogjakarta. Een hotel boeken vooraf bleek ons niet nodig want we zouden rond 9.30u aankomen en dan hadden we alle tijd. Gelukkig hadden we snel een leuke losmen (soort van hostel) in het centrum van Yogja gevonden en zaten we om 22u aan onze eerste Bintang (pintje).

WOENSDAG 19 MEI
Lang geslapen want we werden pas wakker om 11u. In de lonely planet staat een leuke wandeling die je brengt naar alle hoogtepunten van de stad. Dat leek ons een goed idee omdat we al een dag zijn kwijjt gespeeld. We zijn naar de lokale markt, een fort uit de Nederlandse tijd, een museum met Javaanse kunst en naar de zwembaden van de sultan (ook wel het waterkasteel genoemd) geweest. Rondgedwaald in de kampung rond het waterkasteel en daarna een late lunch bij Via Via. Dat is een Belgisch reizigerscafé die op verschillende plaatsen in de wereld zitten. Omdat we nu wel erg ver van het hotel zitten, besloten we op terug te gaan met de becak (riksja; pousse pousse met fiets, tuk tuk zonder motor). Hele ervaring om midden op het kruispunt op de eerste rij te zitten. Na een verfrissende duik in ons zwembad (blijkbaar heeft hier iedere fatsoenlijke accommodatie een zwembad) hebben we de dag afgesloten met een heerlijk mie goreng en nasi goreng gepaard gaan met enkele bintangs. Nog even melden dat het hier ontzettend warm en vochtig is. De temperatuur is hier ongeveer 35 graden. Toeristen hebben we voorlopig nog niet veel gezien. Het lijkt erop dat we het rijk voor ons alleen hebben.

DONDERDAG 20 MEI
Vandaag wel wat vroeger op want we gaan het Kraton bezoeken. Dit is het paleis van de sultan in het midden van de stad. Oppervlakte van zijn optrekje met bijgebouwen en tuinen is ongeveer één vierkante kilometer. De gebouwen zijn aardig om te zien maar de collectie huishoudgerief en stamboom was net wat minder interessant. Ook omdat ons Indonesisch nog niet zo goed is en extra uitleg in het Engels daar doen ze hier niet aan. Terug op weg naar onze losmen werden we weer een beetje lastiggevallen door de becak-mannen, maar het zijn echt lieverds in vergelijking met de Tuktuk-mannen in Bangkok. Een Indonesiër is veel te vriendelijk om echt opdringerig te kunnen zijn. Na weer een verkoelende duik in ons zwembad checken we uit en besluiten om met de lokale bus naar het busstation te gaan. Het leuke aan Indonesië is ook dat taxi- en becak-chauffeurs je helpen als ze doorhebben dat je geen gebruik wil maken van hun diensten. Ze wijzen je welke kant je op moet, waar je moet gaan staan en hoeveel je moet betalen. Wij zijn met verstomming geslagen. In de busterminal zitten we dan ook in no-time op de juiste bus naar Borubudur. Na een dolle rit van optrekken (gas geven) en bruusk stoppen omdat er weer iemand uitmoet, komen we aan in Borubudur. Dit is een klein dorpje dat is ontstaan voor toeristen. Er zijn wat restaurants, hotels en supermarkten, alleen bijna geen toeristen te zien. De meeste toeristen komen hier namelijk ‘s ochtends met een grote touringcar aan en vertrekken na de lunch terug naar Yogjakarta. Jammer, wat wij hebben ontzettend genoten van onze namiddagwandeling. Iedereen is ontzettend aardig en wil met je op de foto, Engels tegen je praten, je een (gratis) lift geven of gewoon goeiedag zeggen. Omdat ons hostel (Lotus II) geen restaurant heeft, besloten we om bij het zusterhostel te gaan eten. Twee stevige kerels begonnen daar spontaan tegen ons te praten. Blijkbaar zaten we bij Richard en Patrick in het vliegtuig. Oeps! Samen gegeten en daarna door de regen terug naar ons hostel. Hierover willen we nog graag vertellen dat we een ongelooflijk grote kamer hebben (bijna even groot als ons hele huis) én een ontzettend leuke veranda met uizicht op de rijstvelden. Rogier wil hier blijven en niet meer verder reizen (daar zou de vlucht van morgen en overmorgen ook mee te maken kunnen hebben).

VRIJDAG 21 MEI
We hadden de wekker om 5 uur gezet omdat de Borubudur het mooiste is bij ochtendlicht en om 6 uur gaat het open. We lagen al om 4 uur klaarwakker te wachten tot het 5 uur is. ‘s nachts zingen de Boeddhisten en Moslims om ter hardste. Clash of the religions! Niet zo heel goed geslapen in ons paleisje, maar we stonden toch keurig op tijd aan de ingang van het grootste Boeddhistische monument (één van de 7 nieuwe wereldwonderen). Snel naar de top om de wolken te zien wegtrekken. Magnifiek uitzicht en een kolossaal monument!! Nog aangesproken door studenten Engels die hun examen aan het afleggen waren: praat met toeristen en de leraar maakt een foto. Hilarisch, maar wel erg leuk en gezellig. Na drie uur te hebben rondgelopen, zijn we terug naar het hotel gegaan om te genieten van het ontbijt op onze veranda. Omdat we beiden zo slecht geslapen hadden, leek het ons wel een goed idee om nog even een siësta in te lassen, jammer dat de Boeddhisten dat geen goed idee vonden en weer begonnen te zingen. Met paard en koets (die van u was toch mooier, Gwen) naar de Mendut tempel en van daaruit de bus naar Yogjakarta om met een andere bus door te gaan naar de luchthaven. We vliegen namelijk vandaag van Yogjakarta naar Denpasar op Bali omdat we morgen doorvliegen naar Maumere op Flores. Alleen blijken er op Bali iets meer toeristen rond te lopen, want Rogier krijgt steeds 'We're full' te horen. Hopelijk loopt dat nog goed af of we slapen een nachtje op de luchthaven.

ZATERDAG 22 MEI
Het liep nog goed af, want we vonden nog een kamer. Achteraf zorgen om niets want wie Kuta of Legian kent, weet dat er ontzettend veel plaatsen zijn waar je kan slapen. Na daar een nachje te slapen, weten wij ook één ding zeker: hier komen we niet terug. Leek wel op Lloret de Mar, Ko Phangan of een ander partyplaats. ‘s Ochtends nog snel even het strand bekeken, ontbeten en dan met de taxi weer naar de luchthaven. Daar aangekomen hebben we al snel ontdekt dat we nog een tussenstop moesten maken op West-Timor, Kupang. Niet naar de goesting van Rogier, maar helaas niet veel aan te doen. Ik vond het een mooie vlucht en Rogier was heel blij toen hij met beide voeten op de grond stond in Maumere. Eindelijk waren we in Flores!! We hadden al contact opgenomen met Gading Beach Hotel omdat zij gratis transport regelen. Dino stond ons op te wachten met een bordje: Mr Rojer. Hij had 3 jaar in Amsterdam-Oost aan de Dappermarkt gewoond. Vent had dus veel praatjes en probeerde ons een dure privétocht aan te smeren. Het hotel lag leuk aan het strand met een restaurant dat de zeebries vangt. Zeewater was erg warm en duurde lang voor het diep werd. Na het diner nog even naar de bar geweest die naast ons hotel lag. Blijkbaar waren we de eersten, want toen de eerste lokale mannen binnenkwamen werden kortgerokte dames in een hok gestopt met ramen. De mannen kozen dan hun gezelschapsdame uit, terwijl de manager vrolijk karaoke aan het zingen was. Hoe het afgelopen is, weten we niet, want we zijn er maar stilaan vandoor gegaan. Wel kan ik nog vertellen tot hoe laat het geduurd heeft, want de muziek stond heel erg hard. Weer een slechte nacht geslapen, hopelijk zullen we binnenkort eindelijk wel eens een keer goed slapen.

ZONDAG 23 MEI
Gisteren hadden we een shared taxi (hier een Toyota Kijang) geregeld voor 75.000 Rupiah (ongeveer 7,5 euro) per persoon. Alleen wisten wij niet dat hij shared was. Wij dachten dat we met vieren gingen: wij, Andy en nog een andere toerist die we niet kenden, maar als er toch een auto gaat naar Moni dan kunnen we hem maar beter vullen. Dus zaten we met z'n achten (inclusief chauffeur) in de auto en nog een heleboel pakketjes die ook mee moesten. Desalniettemin hebben we ontzettend genoten van de rit. Prachtig landschap: rijstvelden, hoge bergen, ongerepte bossen en kleine bamboehuisjes. Gemiddelde snelheid is 30 km/u omdat de wegen erg bochtig zijn. Na ongeveer een rit van 4 uur kwamen we aan in Moni, maar misschien moet ik kort eerst iets vertellen over Andy. Andy is een backpacker die al 7 maanden onderweg. Hij zat bij ons in het vliegtuig naar Maumere en ging met ons mee naar het hotel en sindsdien is hij nog steeds bij ons (en ik schrijf dit op dinsdag). In de auto hebben we ook Graham ontmoet. Een gepensioneerde, Britse leerkracht die werkt op Papua-Nieuw-Guinea (PNG voor de kenners). Hij heeft problemen met z'n werkvisum en neemt dus even een korte break op Flores. Met z'n vieren een goeie prijs afgesproken in het Bintang Guesthouse. Het hostel heeft ook een bemo (soort van mini-busje met een hels kabaal dat vaak als openbaar vervoer dienst doet) en die brengt ons morgenvroeg naar de top van de Kelimutu. Na lunch nog even door het dorpje gelopen en naar de waterval geweest. Onderweg veel bekijks van kinderen. Ze houden er hier namelijk van om te poseren voor de foto. Je laat ze dan de foto zien dan roepen ze snel Thank you en dan lopen ze al giechelend weg. Elke keer opnieuw. ‘s Avonds gedineerd met Graham, Andy, een Spanjaard en Jan. Jan is een man uit Tilburg die probeert alle land van de wereld te bezoeken. Hij doet het niet zomaar snel snel maar brengt aan elk land een uitgebreid bezoek. Volgens zijn eigen berekening heeft hij er nog 40 te gaan. Snel naar bed want de wekker gaat om 4u, want schijnbaar mag je de zonsopgang niet missen.

MAANDAG 24 MEI
Weer slecht geslapen wat er was een gevecht tussen katten op ons dak. Met z'n vijven (‘s avonds was er nog een Australiër gearriveerd die het plan heeft de hele wereld rond te rijden. Hij is al 1 jaar onderweg en heeft enkel nog maar Australië gedaan) zaten we in de krakkemikkige bemo steil omhoog naar Kelimutu. Bij elke bocht dacht ik dat hij achteruit ging gaan, maar we zijn toch boven geraakt. Na een korte wandeling van ongeveer 30 minuten komen we aan op inspiration point. Even wachten en dan zien we de zon opkomen. Helaas maar heel kort want al snel verdwijnt de zon achter de wolken. We blijven wachten tot 7.30u en de zon komt steeds hoger en doet alle wolken verdwijnen. Ongelooflijk schitterend uitzicht op drie meren met verschillende kleuren (turkooise, donkergroen en zwart). Het water lijkt net op verf. Na honderdduizend miljoen foto's gaan we samen met Johannes naar beneden. Johannes is iemand die elke dag naar het uitzichtpunt komt om toeristen koffie, thee en sarongs te verkopen. Ik begin een 'praatje' met hem en duidelijk te hebben gemaakt dat ik geen sarong hoef, vraagt hij ons mee op de koffie bij hem thuis. Samen met hem dalen we af langsheen akkers en rijstvelden tot we bij zijn huis aankomen. We krijgen thee en bananen en daarna moet ik toch even meekomen kijken naar het weefgetouw van zijn vrouw. Ze hebben in hun huis ook enkele foto's hangen met toeristen. Rogier maakt een familieportret en we beloven de foto's op te sturen. Na toch maar een sjaal te hebben gekocht, nemen we afscheid en dalen we verder af. Het blijkt toch iets lastiger zonder Johannes want bij elk kruispunt staan we weer in dubio. Na een paar keer goed gokken, herkennen we de waterval die we gisteren bezocht hebben en staan we weer op de asfaltweg. Na een deugddoende douche (die ook erg nodig was) eten we snel ons ontbijt en stappen we op de bus naar Ende. Deze rit is niet meer dan 52 kilometer maar duurt toch iets langer dan 2 uur. De wegen zijn weer erg bochtig en dwars door de bergen. Dit zorgt weer voor fantastische landschappen. In Ende nemen we een bemo naar de andere busterminal en droppen Graham in het centrum. Hij blijft hier een nacht en reist dan door naar Labuanbajo. Andy en wij reizen naar Riung, een klein vissersdorpje met 17 eilandjes voor de kust waar het prachtig snorkelen schijnt te zijn. Om 19 u - als het al een tijdje pikdonker is - komen we eindelijk aan in Riung. We hebben een kamer geboekt bij het missionariscentrum Pondok SVD. Het was een pittige busrit maar we hebben veel gezien onderweg (bergdorpjes, vlaktes, schoolkinderen in uniform, bamboebossen, valleien en de zee). Na een ijskoude douche bestellen we een uitgebreid menu (voor 5 euro pp) met kip, vis, rijst, noedels, groenten, kroepoek en fruit. Samen met een paar koele bintangs de perfecte afsluiter van een lange dag.

DINSDAG 25 MEI
Lekker lui dagje, want we hebben niets gepland. Beiden hebben we eindelijk een keer goed geslapen. Na het ontbijt van pannenkoeken trekken we het dorpje in. Al snel blijkt dat het simpele kruispunt vlak naast onze slaapplaats het centrum van het dorpje is. Ahum, dat stelt dus niets voor. We lopen naar de haven en het mangrovebos. De vriendelijke havenmeester regelt voor ons 2 ojeks (brommers) waarmee we naar Gunung Watuzapi (een berg vlakbij) gaan. Van op de top heb je een mooi uitzicht over de 17 eilandjes die er eigenlijk 21 zijn, maar de regering vond 17 een mooie verwijzing naar hun Onafhankelijkheidsdag (17 augustus). Daarna liepen we nog een klein stukje door naar het dorpje beneden. Na een uurtje werden we opgehaald door onze motorrijders en weer keurig bij Pondok voor de deur afgezet. Rogier ging nog een rondje door het dorp maken en ik een korte siësta. Om een uur of twee zijn we iets gaan eten in een tentje dat Andy (ja,ja, nog steeds bij ons) had ontdekt tijdens zijn ochtendwandeling. Daarna zijn we doorgelopen naar Nirvana bungalows (was volgeboekt door lokale mensen) om met Tam onze boottocht van morgen te bespreken. Hij is een aangename vent en we kwamen al snel tot een overeenkomst. Voor 20 euro per persoon hebben we morgen boot, kapitein, lunch, snorkelmateriaal en entreegeld. Snel terug naar het centrum van het dorp want we horen luide muziek. Op 3 juni zijn er lokale burgemeester- en vice-verkiezingen voor het district. Lijstnummer 1 van Dhr Piet Jos en Dhr Benidictus (oftewel Piet-Beni) geeft een groot zang/speechfestijn. Blijkbaar slapen Piet en Beni en ook nog een paar andere belangrijke personen bij ons in het gebouw. Na een kort praatje met Felix vraag ik om een pet voor Rogier (zijn nek is ongeveer tomaatrood) van Piet-Beni. Prompt moet een jonger gastje zijn pet afdoen (oei, dat was nu ook weer niet de bedoeling, maar hij zou een ander krijgen). Net nadat zij vertrokken zijn, komt de Sawadee groep aan. Ook zij slapen in deze plaats, wat eigenlijk logisch is want zoveel is er niet. Ik stel mezelf even voor aan de lokale reisbegeleider, die op zijn beurt mij aan Loes voorstelt. Loes is diegene die samen met ons de Rinjani gaat beklimmen. Het klikt dus dat komt vast in orde. We besluiten om vanavond weer daar te eten.

WOENSDAG 26 MEI
Ontbijt om 7 uur en om 8 uur staan we aan de haven. Eerst varen we naar een eiland waar heel veel flying foxes hangen. Zij doen zich 's nachts tegoed aan al het fruit dat in deze regio groeit. Van daaruit varen we naar het eerste eilandje waar we kunnen snorkelen. Mooie kleurrijke vissen, maar niet echt mooi koraal. De tweede snorkelplaats is bij pulau Tiga. De kapitein duidt de plaats aan en vaart daarna verder naar het strand. Dit was echt een hele mooie plaats: veel vissen en verschillende soorten zacht en hard koraal in alle kleuren van de regenboog. Als we na een uurtje bij de boot aankomen, merken we dat de kapitein vissen voor ons aan het grillen is. Het strand en het eiland zijn onbewoond en de kleur van het water heeft alle tinten blauw. We kunnen er niet bij dat het hier zo mooi is en dat we de enige toeristen zijn. Na de lunch snorkelen we nog een beetje verder en ontdekken een mooie muur met nog mooier koraal. Dit klinkt vast allemaal te mooi en schitterend, maar ik kan er niets aan doen want het was ook gewoon keischoon. Daarna gaan we naar het bekendste eiland, pulau Rutong. Hier is ook de Sawadee-groep. Er valt niet zoveel te zien met snorkelen en na een stukje over het strand besluiten we om terug te gaan. Rogier en ik voelen ook dat we ondertussen toch nog verbrand zijn. We hebben allebei met t-shirt aan gesnorkeld. Andy heeft nergens last van, maar na 7 maanden strand en dergelijke is dat ook niet te verwonderen. Na de douche en tubes aftersun (Rogier: knieholtes en kuiten Kim: zonnebrilgezicht en linkerschouder) gaan we eten bij Liqueen, het enige andere tentje dat open is en waar we gisteren ook al waren. Verse inktvis gegeten. Vroeg naar bed want de enige bus naar Bajawa komt ons om 6 u ophalen.

DONDERDAG 27 MEI
Na eerst een halfuur rond te rijden door het dorpje vertrekken we dan toch. Wat mij betreft zit de bus goed vol en kunnen we MAAR er kan er nog altijd eentje bij. Op een gegeven moment kan er echt niemand meer bij (er zit dan ook ongeveer 45 man in een 20 personenbusje) en weigeren ze zelfs mensen. Morgen komt er weer een bus. We hoeven jullie niet te vertellen hoe blij we waren toen we in Bajawa aankwamen en mochten rechtstaan. Bajawa ligt in de bergen en dat zorgt voor een koelere temperatuur. We nemen afscheid van Andy. Hij wil snel naar Labuanbajo omdat daar de toeristen en de bars zijn. Na het inchecken in een hotel (Edelweiss - what's in a name?) nemen we een ojek naar de bergdorpjes. We zijn op weg naar Bena, één van de traditionele dorpjes op de flanken van een vulkaan. De brommerbestuurder vertelt honderduit: hier koffie, daar bananenbomen, cacao, avocado's, mango, vanille en ga zo maar door. Erg informatief alleen jammer dat hij om de drie woorden met zichzelf moet lachen. Als we de eerste keer bergop rijden, zegt hij dat we traag rijden (?) omdat ik zo dik ben. Nu is hij helemaal mijn vriend niet meer. Later maakt hij hetzelfde grapje nog een keer tegen Rogier (over mij welteverstaan). We stoppen onderweg bij een uitzichtpunt en van daaruit zien we de typische huizen van de traditionele dorpjes. Blijkbaar komen alle toeristen (de enkelen die er nu rondlopen) in de voormiddag en dat maakt dat wij weer het rijk alleen hebben. Elk huis heeft wel wat sjaals hangen maar de dames zijn zeker niet opdringerig. Ze hebben er speciale monumenten om hun mannelijke en vrouwelijke voorouders te vereren. Verdere uitleg zullen we jullie besparen. Onze ojek-mannen hebben zich ondertussen geïnstalleerd bij een familie en lunchen samen. Ook wij worden er bij gevraagd om mee te eten. Rogier ziet dat niet zo zitten, dus probeer ik beleefd alle gerechten: cassave, geroosterde mais met nog iets en een groene groente die naar spinazie met veel teveel chili smaakt. Hierbij drinken ze arak, zelf gestookte alcohol van de palmboom. Rogier vindt het nog wel best smaken, ik iets minder. Onze chauffeurs vinden het ook erg lekker. Zo lekker dat als we ze terug zien bij de brommers ze uren in de wind ruiken. We besluiten om te passen voor het ritje naar het meer en nog een ander dorp. Dit nieuws of de arak heeft hem (mijn chauffeur) slechtgezind gemaakt want hij verteld niets meer. Net voor we in Bajawa aankomen krijgt onze motor zogezegd pannen en stopt hij ons snel in een bemo. Ach, het begon net te regenen dus wij vonden het prima dat we nu droog zitten. Nog even kort vermelden dat toen we aankwamen in Bena de campagneploeg van nummer 6 er ook was. Snel Rogier's pet wegstoppen, handjes schudden en veel succes wensen met de campagne. Terug in Bajawa is het relaxtijd: lunchen, boekje lezen, verslag bijwerken, .... Het regent toch dus een ideaal moment. Morgen weer vroeg op, want we hebben net besloten op Ruteng te skippen en kiezen voor de 10-uur bus naar Labuanbajo. We zijn klaar om te gaan duiken en wat liggen op het strand.